BWBV0003614
Geldig vanaf 01-02-2010
Artikel 26
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België over de terbeschikkingstelling van een penitentiaire inrichting in Nederland ten behoeve van de tenuitvoerlegging van bij Belgische veroordelingen opgelegde vrijheidsstraffen
1. Ongeacht het feitelijk in gebruik genomen aantal detentieplaatsen, bedraagt de vergoeding een vast, jaarlijks bedrag van € 30.000.000,--, voorzover het aantal detentieplaatsen niet meer bedraagt dan 500. Indien dit verdrag later dan 1 januari 2010 in werking treedt, zal voor het jaar 2010 een vergoeding pro rato plaatsvinden.
2. Indien aan de zendstaat meer dan 500 detentieplaatsen ter beschikking worden gesteld, dient daarvoor een maandelijkse vergoeding van € 212.917,-- per 50 extra detentieplaatsen te worden betaald, totdat een totaal aantal detentieplaatsen van 650 is bereikt. Voor elke detentieplaats die boven het aantal van 650 ter beschikking wordt gesteld totdat het maximum van 681 is bereikt, is een vergoeding verschuldigd van € 140,-- per detentieplaats per dag.
2. Indien aan de zendstaat meer dan 500 detentieplaatsen ter beschikking worden gesteld, dient daarvoor een maandelijkse vergoeding van € 212.917,-- per 50 extra detentieplaatsen te worden betaald, totdat een totaal aantal detentieplaatsen van 650 is bereikt. Voor elke detentieplaats die boven het aantal van 650 ter beschikking wordt gesteld totdat het maximum van 681 is bereikt, is een vergoeding verschuldigd van € 140,-- per detentieplaats per dag.
- Citeren als
- Art. 26
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0003614
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl