BWBR0050187
Geldig vanaf 2024-09-07
Artikel 6
Beleidsregel bestuursrechtelijke handhaving Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag 2024
1. Indien een werkgever handelt in strijd met hetgeen is bepaald in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13a van de wet</a>, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd, waarvan de hoogte wordt vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 2.
2. Indien niet overeenkomstig <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13a, vierde lid, van de wet</a>de langere arbeidsduur tijdig wordt gecompenseerd in betaalde vrije tijd dan wel giraal wordt uitbetaald, wordt de werkgever per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd overeenkomstig de tabel in artikel 2, met dien verstande dat de duur van de onderbetaling wordt bepaald door het aantal uitbetalingstermijnen waarin de langere arbeidsduur is ontstaan.
3. Indien een werkgever ten aanzien van dezelfde werknemer naast <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13a</a>tevens <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7</a>, of <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">13, van de wet</a>heeft overtreden, wordt de boetehoogte gebaseerd op het totaal der bedragen waarvoor deze overtredingen zijn begaan en vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 2.
2. Indien niet overeenkomstig <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13a, vierde lid, van de wet</a>de langere arbeidsduur tijdig wordt gecompenseerd in betaalde vrije tijd dan wel giraal wordt uitbetaald, wordt de werkgever per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd overeenkomstig de tabel in artikel 2, met dien verstande dat de duur van de onderbetaling wordt bepaald door het aantal uitbetalingstermijnen waarin de langere arbeidsduur is ontstaan.
3. Indien een werkgever ten aanzien van dezelfde werknemer naast <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13a</a>tevens <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7</a>, of <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">13, van de wet</a>heeft overtreden, wordt de boetehoogte gebaseerd op het totaal der bedragen waarvoor deze overtredingen zijn begaan en vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 2.