BWBR0050187
Geldig vanaf 2024-09-07
Artikel 5
Beleidsregel bestuursrechtelijke handhaving Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag 2024
1. Indien een werkgever handelt in strijd met hetgeen is bepaald bij of krachtens <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13 van de wet</a>, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd, waarvan de hoogte wordt vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 2.
2. Indien een werkgever kan aantonen dat hij na een schriftelijke volmacht van de werknemer het ingehouden bedrag heeft voldaan aan een derde ter voldoening van een betalingsverplichting van de werknemer en anderszins geen bedrag heeft ingehouden dat op grond van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13 van de wet</a>niet is toegestaan, wordt in afwijking van het eerste lid de boete vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 3, tenzij ten aanzien van dezelfde werknemer tevens een overtreding van enig ander artikel van de <a href="/wet/BWBR0002638" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">wet</a>wordt geconstateerd. Deze matiging vindt slechts plaats indien de volmacht is afgegeven voorafgaand aan de inhouding.
3. Indien een werkgever ten aanzien van dezelfde werknemer naast <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13</a>tevens de <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7</a>, of <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">13a van de wet</a>heeft overtreden, wordt de boetehoogte gebaseerd op het totaal der bedragen waarvoor deze overtredingen zijn begaan en vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 2.
4. Om te bepalen of ten aanzien van een overtreding van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13 van de wet</a>een boete wordt opgelegd, wordt van het totale bedrag van loon en vergoedingen op de in <a href="/wet/BWBR0005290/artikel/626" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 626 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek</a>genoemde opgave het deel van het loonbedrag en vergoedingen dat hoger is dan het minimumloon afgezet tegen de niet toegestane inhoudingen op en verrekeningen met het minimumloon. Indien het totaalbedrag aan niet toegestane inhoudingen en verrekeningen hoger is dan het deel van het loon en vergoedingen dat hoger is dan het minimumloon, wordt een boete opgelegd voor een overtreding van artikel 13 van de wet.
5. Indien een werkgever kan aantonen dat een verrekening in strijd met <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13 van de wet</a>slechts de verrekening betreft van hetgeen op het loon in een voorgaande betaalperiode teveel is betaald en het ook kenbaar voor de werknemer was dat deze verrekening teveel betaald loon betreft, wordt geen boete opgelegd indien het verrekende bedrag per betaalperiode niet meer bedraagt dan 10% van het voor de werknemer geldend minimumloon. De mogelijkheid tot verrekening van teveel betaald loon in de vorige zin geldt voor de werkgever voor een periode van zes maanden vanaf de datum waarop er sprake is van teveel betaald loon. Dit lid is niet van toepassing indien ten aanzien van dezelfde werknemer tevens een overtreding van enig andere artikel van de <a href="/wet/BWBR0002638" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">wet</a>wordt geconstateerd.
6. Indien de werkgever hetgeen op het loon in een voorgaande betaalperiode teveel is betaald met het minimumloon heeft verrekend en niet voldoet aan de voorwaarden in het vijfde lid, wordt volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing indien niet eerder dezelfde overtreding, te weten het verrekenen van teveel betaald loon, is begaan. Indien de werkgever eerder dezelfde overtreding heeft begaan wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd, waarvan de hoogte wordt vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 3.
7. Indien een werkgever zijn werknemer per week betaalt en in een week de volledige premie voor een maand inhoudt voor de verzekeringen als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0008222/artikel/2b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 2b, eerste lid, van het Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, wordt geen boete opgelegd indien de werkgever zich houdt aan de overige voorwaarden voor de verzekeringen die gesteld zijn in het <a href="/wet/BWBR0008222" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>. Indien het loon niet toereikend is om de volledige maandpremie in te houden, wordt geen boete opgelegd indien de werkgever het restant in de volgende betaalperiode inhoudt.
8. Indien een werkgever een voorschot met het minimumloon verrekent en dit voorschot is in afwijking van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13, derde lid, van de wet</a>niet overeenkomstig <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7a van de wet</a>verstrekt, maar aan de overige voorwaarden van artikel 13, derde lid, van de wet is voldaan, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd, waarvan de hoogte wordt vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 3.
2. Indien een werkgever kan aantonen dat hij na een schriftelijke volmacht van de werknemer het ingehouden bedrag heeft voldaan aan een derde ter voldoening van een betalingsverplichting van de werknemer en anderszins geen bedrag heeft ingehouden dat op grond van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13 van de wet</a>niet is toegestaan, wordt in afwijking van het eerste lid de boete vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 3, tenzij ten aanzien van dezelfde werknemer tevens een overtreding van enig ander artikel van de <a href="/wet/BWBR0002638" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">wet</a>wordt geconstateerd. Deze matiging vindt slechts plaats indien de volmacht is afgegeven voorafgaand aan de inhouding.
3. Indien een werkgever ten aanzien van dezelfde werknemer naast <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13</a>tevens de <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7</a>, of <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">13a van de wet</a>heeft overtreden, wordt de boetehoogte gebaseerd op het totaal der bedragen waarvoor deze overtredingen zijn begaan en vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 2.
4. Om te bepalen of ten aanzien van een overtreding van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13 van de wet</a>een boete wordt opgelegd, wordt van het totale bedrag van loon en vergoedingen op de in <a href="/wet/BWBR0005290/artikel/626" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 626 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek</a>genoemde opgave het deel van het loonbedrag en vergoedingen dat hoger is dan het minimumloon afgezet tegen de niet toegestane inhoudingen op en verrekeningen met het minimumloon. Indien het totaalbedrag aan niet toegestane inhoudingen en verrekeningen hoger is dan het deel van het loon en vergoedingen dat hoger is dan het minimumloon, wordt een boete opgelegd voor een overtreding van artikel 13 van de wet.
5. Indien een werkgever kan aantonen dat een verrekening in strijd met <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13 van de wet</a>slechts de verrekening betreft van hetgeen op het loon in een voorgaande betaalperiode teveel is betaald en het ook kenbaar voor de werknemer was dat deze verrekening teveel betaald loon betreft, wordt geen boete opgelegd indien het verrekende bedrag per betaalperiode niet meer bedraagt dan 10% van het voor de werknemer geldend minimumloon. De mogelijkheid tot verrekening van teveel betaald loon in de vorige zin geldt voor de werkgever voor een periode van zes maanden vanaf de datum waarop er sprake is van teveel betaald loon. Dit lid is niet van toepassing indien ten aanzien van dezelfde werknemer tevens een overtreding van enig andere artikel van de <a href="/wet/BWBR0002638" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">wet</a>wordt geconstateerd.
6. Indien de werkgever hetgeen op het loon in een voorgaande betaalperiode teveel is betaald met het minimumloon heeft verrekend en niet voldoet aan de voorwaarden in het vijfde lid, wordt volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing indien niet eerder dezelfde overtreding, te weten het verrekenen van teveel betaald loon, is begaan. Indien de werkgever eerder dezelfde overtreding heeft begaan wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd, waarvan de hoogte wordt vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 3.
7. Indien een werkgever zijn werknemer per week betaalt en in een week de volledige premie voor een maand inhoudt voor de verzekeringen als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0008222/artikel/2b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 2b, eerste lid, van het Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, wordt geen boete opgelegd indien de werkgever zich houdt aan de overige voorwaarden voor de verzekeringen die gesteld zijn in het <a href="/wet/BWBR0008222" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>. Indien het loon niet toereikend is om de volledige maandpremie in te houden, wordt geen boete opgelegd indien de werkgever het restant in de volgende betaalperiode inhoudt.
8. Indien een werkgever een voorschot met het minimumloon verrekent en dit voorschot is in afwijking van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 13, derde lid, van de wet</a>niet overeenkomstig <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7a van de wet</a>verstrekt, maar aan de overige voorwaarden van artikel 13, derde lid, van de wet is voldaan, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd, waarvan de hoogte wordt vastgesteld overeenkomstig de tabel in artikel 3.