BWBR0047860
Geldig vanaf 2023-02-08
Artikel 9
Organisatiebesluit BZK 2023
1. Het directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening staat onder leiding van een directeur-generaal.
2. Het directoraat-generaal richt zich op het algemeen beleid ruimtelijke ordening en de regie op de uitvoering van de inrichting van de leefomgeving in Nederland, en heeft onder meer de volgende taken:
a. het algemeen beleid, de programmatische aanpak en de borging van de ruimtelijke ordening in Nederland;
b. de regie op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving en inrichting van de ruimte en de politieke, interdepartementale en interbestuurlijke besluitvorming bij tegengestelde belangen;
c. de interbestuurlijke en interdepartementale programmering en coördinatie van (de inwerkingtreding, implementatie en doorontwikkeling van) de Nationale omgevingsvisie, de Omgevingswet en GEO-informatie als stelselverantwoordelijk Ministerie, en de doorontwikkeling van de stelselverantwoordelijkheid;
d. de beleidsvorming op hoe de nationale regie op de ruimtelijke inrichting vorm krijgt, voorbereiding van politieke besluitvoering en voorbereiding van wetgeving vanuit ruimtelijk perspectief;
e. de nationale regie op de gebieden en/of regio’s die aandacht behoeven en/of waar sprake is van conflicterende belangen en inzet richting de uitvoering;
f. het grondbeleid en de inzet van het grondinstrumentarium ten behoeve van de realisatie;
g. het inzicht van juridisch instrumentarium.
3. Het directoraat-generaal bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:
a. de directie Ruimtelijk Beleid;
b. de directie Ruimtelijke Ontwikkeling;
c. de programmadirectie Aan de Slag.
2. Het directoraat-generaal richt zich op het algemeen beleid ruimtelijke ordening en de regie op de uitvoering van de inrichting van de leefomgeving in Nederland, en heeft onder meer de volgende taken:
a. het algemeen beleid, de programmatische aanpak en de borging van de ruimtelijke ordening in Nederland;
b. de regie op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving en inrichting van de ruimte en de politieke, interdepartementale en interbestuurlijke besluitvorming bij tegengestelde belangen;
c. de interbestuurlijke en interdepartementale programmering en coördinatie van (de inwerkingtreding, implementatie en doorontwikkeling van) de Nationale omgevingsvisie, de Omgevingswet en GEO-informatie als stelselverantwoordelijk Ministerie, en de doorontwikkeling van de stelselverantwoordelijkheid;
d. de beleidsvorming op hoe de nationale regie op de ruimtelijke inrichting vorm krijgt, voorbereiding van politieke besluitvoering en voorbereiding van wetgeving vanuit ruimtelijk perspectief;
e. de nationale regie op de gebieden en/of regio’s die aandacht behoeven en/of waar sprake is van conflicterende belangen en inzet richting de uitvoering;
f. het grondbeleid en de inzet van het grondinstrumentarium ten behoeve van de realisatie;
g. het inzicht van juridisch instrumentarium.
3. Het directoraat-generaal bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:
a. de directie Ruimtelijk Beleid;
b. de directie Ruimtelijke Ontwikkeling;
c. de programmadirectie Aan de Slag.