BWBR0047860
Geldig vanaf 2023-02-08
Artikel 6
Organisatiebesluit BZK 2023
1. Het directoraat-generaal Openbaar Bestuur en Democratische Rechtsstaat staat onder leiding van een directeur-generaal.
2. Het directoraat-generaal draagt zorg voor het beschermen en vernieuwen van democratische instituties en het versterken van de rechtsstatelijkheid van overheidshandelen door het uitvoeren van onder andere de volgende taken:
a. de inrichting en de bekostiging van het openbaar bestuur, de interbestuurlijke en financiële verhoudingen en het vernieuwen van de financieringssystematiek;
b. de borging van de democratische rechtsstaat;
c. de borging van de rechtstatelijke instituties, waaronder het parlement, de Raad van State, de Algemene Rekenkamer en de Nationale ombudsman;
d. de borging van fundamentele grondrechten en vrijheid van burgers in de Grondwet en andere wet- en regelgeving;
e. het onderhoud van het stelsel van de Grondwet en het Statuut;
f. de rijksbrede coördinatie van het antidiscriminatiebeleid en de beleidsverantwoordelijkheid voor de Algemene wet gelijke behandeling;
g. voorbereiding van de noodzakelijke wijzigingen in het constitutionele bestel;
h. de samenwerking met andere overheden aan openbaar bestuur en een weerbare, robuuste democratie;
i. het versterken van het gebiedsgericht werken en het inzetten op het verbeteren van de onderlinge samenwerking tussen directies, directoraten-generaal en departementen en interbestuurlijk met andere overheidslagen.
3. Het directoraat-generaal bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:
a. de directie Democratie en Bestuur;
b. de directie Bestuur, Financiën en Regio’s;
c. de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving.
2. Het directoraat-generaal draagt zorg voor het beschermen en vernieuwen van democratische instituties en het versterken van de rechtsstatelijkheid van overheidshandelen door het uitvoeren van onder andere de volgende taken:
a. de inrichting en de bekostiging van het openbaar bestuur, de interbestuurlijke en financiële verhoudingen en het vernieuwen van de financieringssystematiek;
b. de borging van de democratische rechtsstaat;
c. de borging van de rechtstatelijke instituties, waaronder het parlement, de Raad van State, de Algemene Rekenkamer en de Nationale ombudsman;
d. de borging van fundamentele grondrechten en vrijheid van burgers in de Grondwet en andere wet- en regelgeving;
e. het onderhoud van het stelsel van de Grondwet en het Statuut;
f. de rijksbrede coördinatie van het antidiscriminatiebeleid en de beleidsverantwoordelijkheid voor de Algemene wet gelijke behandeling;
g. voorbereiding van de noodzakelijke wijzigingen in het constitutionele bestel;
h. de samenwerking met andere overheden aan openbaar bestuur en een weerbare, robuuste democratie;
i. het versterken van het gebiedsgericht werken en het inzetten op het verbeteren van de onderlinge samenwerking tussen directies, directoraten-generaal en departementen en interbestuurlijk met andere overheidslagen.
3. Het directoraat-generaal bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:
a. de directie Democratie en Bestuur;
b. de directie Bestuur, Financiën en Regio’s;
c. de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving.