BWBR0047860
Geldig vanaf 2023-02-08
Artikel 10
Organisatiebesluit BZK 2023
1. Het directoraat-generaal Koninkrijksrelaties staat onder leiding van een directeur-generaal.
2. Het directoraat-generaal heeft onder meer de volgende taken:
a. het zorg dragen voor een toekomstbeeld, scenario’s en handvatten om het Koninkrijk nader vorm en inhoud te geven, door beleidsvorming, beleidsvaststelling en uitvoering;
b. het onderhouden van goede relaties met en het coördineren van de samenwerking met de openbare lichamen van Caribisch Nederland en met Curaçao, Aruba en Sint Maarten;
c. het met andere partners binnen en buiten het departement zorg dragen voor het opstellen en verwezenlijken van het beleid van het Ministerie voor de openbare lichamen van Caribisch Nederland;
d. het met andere partners binnen en buiten het departement zorg dragen voor de coördinatie van het algemene beleid van de rijksoverheid op dit terrein, met de speerpunten die samen met de openbare lichamen van Caribisch Nederland en de departementen worden bepaald;
e. het beheersmatig aansturen van de kabinetten van de gouverneur en de Rijksvertegenwoordiger voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba;
f. het ter beschikking stellen van mensen en middelen aan het College Financieel Toezicht Curaçao en Sint Maarten, het College Financieel Toezicht Bonaire, Sint Eustatius en Saba, en het College Aruba Financieel Toezicht;
g. het aansturen van de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN);
h. het ondersteunen van de Vertegenwoordiger bij het uitvoeren van zijn taken en opdracht zoals vastgelegd in het koninklijk besluit van 4 maart 2013 (Stcrt. 2013, nr. 8486).
3. Het directoraat-generaal bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:
a. de dienst Rijksdienst Caribisch Nederland;
b. de dienst SSO-CN.
4. Het directoraat-generaal kent geen directies, maar wel de volgende verantwoordelijken;
a. de directeur Landen;
b. de directeur Caribisch Nederland.
5. Onder de directeur Landen ressorteert de vertegenwoordiger van Nederland in Aruba, Curaçao en Sint-Maarten. De vertegenwoordiger geeft leiding aan de Vertegenwoordiging.
6. De vertegenwoordiger heeft de taken als bedoeld in het besluit in het tweede lid onder h.
2. Het directoraat-generaal heeft onder meer de volgende taken:
a. het zorg dragen voor een toekomstbeeld, scenario’s en handvatten om het Koninkrijk nader vorm en inhoud te geven, door beleidsvorming, beleidsvaststelling en uitvoering;
b. het onderhouden van goede relaties met en het coördineren van de samenwerking met de openbare lichamen van Caribisch Nederland en met Curaçao, Aruba en Sint Maarten;
c. het met andere partners binnen en buiten het departement zorg dragen voor het opstellen en verwezenlijken van het beleid van het Ministerie voor de openbare lichamen van Caribisch Nederland;
d. het met andere partners binnen en buiten het departement zorg dragen voor de coördinatie van het algemene beleid van de rijksoverheid op dit terrein, met de speerpunten die samen met de openbare lichamen van Caribisch Nederland en de departementen worden bepaald;
e. het beheersmatig aansturen van de kabinetten van de gouverneur en de Rijksvertegenwoordiger voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba;
f. het ter beschikking stellen van mensen en middelen aan het College Financieel Toezicht Curaçao en Sint Maarten, het College Financieel Toezicht Bonaire, Sint Eustatius en Saba, en het College Aruba Financieel Toezicht;
g. het aansturen van de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN);
h. het ondersteunen van de Vertegenwoordiger bij het uitvoeren van zijn taken en opdracht zoals vastgelegd in het koninklijk besluit van 4 maart 2013 (Stcrt. 2013, nr. 8486).
3. Het directoraat-generaal bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:
a. de dienst Rijksdienst Caribisch Nederland;
b. de dienst SSO-CN.
4. Het directoraat-generaal kent geen directies, maar wel de volgende verantwoordelijken;
a. de directeur Landen;
b. de directeur Caribisch Nederland.
5. Onder de directeur Landen ressorteert de vertegenwoordiger van Nederland in Aruba, Curaçao en Sint-Maarten. De vertegenwoordiger geeft leiding aan de Vertegenwoordiging.
6. De vertegenwoordiger heeft de taken als bedoeld in het besluit in het tweede lid onder h.