BWBR0046192
Geldig vanaf 13-01-2022
Artikel 30
Beleidsregel Accreditatie (RvA-BR002)
1. Niet later dan zes maanden voor de afloop van de geldigheid van de accreditatieverklaring als bedoeld in Artikel 28, lid 1, vindt een herbeoordeling zoals bedoeld in RvA-BR005 plaats.
2. De herbeoordeling vindt plaats overeenkomstig de procedures als bepaald in hoofdstuk 6 en hoofdstuk 7 van de onderhavige beleidsregel.
3. De RvA voert bij herbeoordelingen geen vooronderzoek uit. Het beoordelingsteam zal echter wel een beoordeling van het gedocumenteerde systeem uitvoeren en de resultaten daarvan in de rapportage verwerken.
4. Bij het bepalen van de inhoud en reikwijdte van een herbeoordeling zal de RvA de prestaties van de CBI in het verleden in overweging nemen, volgens de beleidsregel RvA-BR005.
5. Op basis van het resultaat van een herbeoordeling kan de RvA besluiten de accreditatie te wijzigen of geheel of gedeeltelijk te schorsen of in te trekken.
6. In het geval de accreditatie voor beperkte duur was verleend (conform Artikel 26, lid 3) kan de RvA besluiten de accreditatie niet opnieuw te verlenen.
7. Indien voorafgaande aan de afloop van de geldigheidsperiode van de accreditatieverklaring niet een besluit over de nieuwe geldigheidsduur van de accreditatieverklaring kan worden genomen, kan de geldigheid van de verklaring en van de scope met ten hoogste zes maanden worden verlengd.
2. De herbeoordeling vindt plaats overeenkomstig de procedures als bepaald in hoofdstuk 6 en hoofdstuk 7 van de onderhavige beleidsregel.
3. De RvA voert bij herbeoordelingen geen vooronderzoek uit. Het beoordelingsteam zal echter wel een beoordeling van het gedocumenteerde systeem uitvoeren en de resultaten daarvan in de rapportage verwerken.
4. Bij het bepalen van de inhoud en reikwijdte van een herbeoordeling zal de RvA de prestaties van de CBI in het verleden in overweging nemen, volgens de beleidsregel RvA-BR005.
5. Op basis van het resultaat van een herbeoordeling kan de RvA besluiten de accreditatie te wijzigen of geheel of gedeeltelijk te schorsen of in te trekken.
6. In het geval de accreditatie voor beperkte duur was verleend (conform Artikel 26, lid 3) kan de RvA besluiten de accreditatie niet opnieuw te verlenen.
7. Indien voorafgaande aan de afloop van de geldigheidsperiode van de accreditatieverklaring niet een besluit over de nieuwe geldigheidsduur van de accreditatieverklaring kan worden genomen, kan de geldigheid van de verklaring en van de scope met ten hoogste zes maanden worden verlengd.
- Citeren als
- Art. 30
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0046192
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl