BWBR0045389
Geldig vanaf 2021-10-01
Artikel 85
Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2021
1. De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent die met een productie-installatie koolstofdioxide afvangt en gebruikt of doet gebruiken ter vermindering van broeikasgas door middel van nuttig aangewende koolstofdioxide en:
a. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de compressor nieuw zijn;
b. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de vervloeiingsinstallatie nieuw zijn;
c. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide, de compressor en de transportleiding nieuw zijn;
d. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de vervloeiingsinstallatie nieuw is;
e. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de compressor en de transportleiding nieuw zijn;
f. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een nieuw productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de compressor nieuw zijn;
g. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een nieuw productieproces, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de vervloeiingsinstallatie nieuw zijn;
h. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een nieuw productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide, de compressor en de transportleiding nieuw zijn;
i. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande afvalverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de compressor nieuw zijn;
j. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande afvalverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de vervloeiingsinstallatie nieuw zijn;
k. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande afvalverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide, de compressor en de transportleiding nieuw zijn;
l. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande biomassaverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een buisleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide nieuw is; of
m. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande biomassaverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de vervloeiingsinstallatie nieuw zijn.
2. Een productie-installatie als bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel a, b, c, f, g, h, i, j, k, l of m, kan worden gecombineerd met een productie-installatie als bedoeld in artikel 83, aanhef en onderdeel a of o.
3. Een productie-installatie als bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel b, g, j of m, kan worden gecombineerd met een productie-installatie als bedoeld in artikel 83, aanhef en onderdeel c of p.
a. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de compressor nieuw zijn;
b. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de vervloeiingsinstallatie nieuw zijn;
c. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide, de compressor en de transportleiding nieuw zijn;
d. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de vervloeiingsinstallatie nieuw is;
e. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaand productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de compressor en de transportleiding nieuw zijn;
f. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een nieuw productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de compressor nieuw zijn;
g. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een nieuw productieproces, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de vervloeiingsinstallatie nieuw zijn;
h. de afvang van koolstofdioxide gebeurt in een nieuw productieproces, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide, de compressor en de transportleiding nieuw zijn;
i. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande afvalverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de compressor nieuw zijn;
j. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande afvalverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de vervloeiingsinstallatie nieuw zijn;
k. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande afvalverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een transportleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide, de compressor en de transportleiding nieuw zijn;
l. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande biomassaverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van gasvormig transport van koolstofdioxide door een buisleiding en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide nieuw is; of
m. de afvang van koolstofdioxide die ontstaat door een verbrandingsproces gebeurt in een op het moment van indienen van de aanvraag bestaande biomassaverbrandingsinstallatie, gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport van koolstofdioxide en ten minste de installatie voor de afvang van koolstofdioxide en de vervloeiingsinstallatie nieuw zijn.
2. Een productie-installatie als bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel a, b, c, f, g, h, i, j, k, l of m, kan worden gecombineerd met een productie-installatie als bedoeld in artikel 83, aanhef en onderdeel a of o.
3. Een productie-installatie als bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel b, g, j of m, kan worden gecombineerd met een productie-installatie als bedoeld in artikel 83, aanhef en onderdeel c of p.