BWBR0045389
Geldig vanaf 2021-10-01
Artikel 77
Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2021
1. De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van koolstofdioxide-arme warmte geproduceerd door een productie-installatie waarmee restwarmte wordt uitgekoppeld met een thermisch vermogen van ten minste 2 MWth en naar een andere locatie wordt getransporteerd waarbij ten minste de warmtewisselaar bij de uitkoppeling nieuw is, waarbij transport plaatsvindt met behulp van een transportleiding:
a. met een verhouding van kilometer nieuw aan te leggen transportleiding per MWth outputvermogen van de productie-installatie en andere op de transportleiding invoedende installaties van ≥ 0,20 en < 0,30;
b. met een verhouding van kilometer nieuw aan te leggen transportleiding per MWth outputvermogen van de productie-installatie en andere op de transportleiding invoedende installaties van ≥ 0,30 en < 0,40;
c. met een verhouding van kilometer nieuw aan te leggen transportleiding per MWth outputvermogen van de productie-installatie en andere op de transportleiding invoedende installaties van ≥ 0,40 en < 0,50;
d. met een verhouding van kilometer nieuw aan te leggen transportleiding per MWth outputvermogen van de productie-installatie en andere op de transportleiding invoedende installaties van ≥ 0,50; of
e. waarbij de warmte wordt opgewaardeerd met een nieuwe warmtepomp met een nominaal thermisch vermogen van ten minste 500 kWth en een COP-waarde van ten minste 3,0.
2. De levering van stoom wordt uitgesloten van subsidie.
a. met een verhouding van kilometer nieuw aan te leggen transportleiding per MWth outputvermogen van de productie-installatie en andere op de transportleiding invoedende installaties van ≥ 0,20 en < 0,30;
b. met een verhouding van kilometer nieuw aan te leggen transportleiding per MWth outputvermogen van de productie-installatie en andere op de transportleiding invoedende installaties van ≥ 0,30 en < 0,40;
c. met een verhouding van kilometer nieuw aan te leggen transportleiding per MWth outputvermogen van de productie-installatie en andere op de transportleiding invoedende installaties van ≥ 0,40 en < 0,50;
d. met een verhouding van kilometer nieuw aan te leggen transportleiding per MWth outputvermogen van de productie-installatie en andere op de transportleiding invoedende installaties van ≥ 0,50; of
e. waarbij de warmte wordt opgewaardeerd met een nieuwe warmtepomp met een nominaal thermisch vermogen van ten minste 500 kWth en een COP-waarde van ten minste 3,0.
2. De levering van stoom wordt uitgesloten van subsidie.