BWBR0045389
Geldig vanaf 2021-10-01
Artikel 45
Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2021
1. De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte door middel van verbranding van vaste of vloeibare biomassa als bedoeld in de NTA 8003: 2017, met uitzondering van biomassa als bedoeld in de nummers 100, 150, 170 tot en met 179 van de NTA 8003: 2017 in een ketel met een nominaal thermisch vermogen groter dan of gelijk aan 0,5 MWth en kleiner dan 5 MWth waarbij ten minste de ketel nieuw is.
2. Een productie-installatie met een vermogen kleiner dan 1 MWth stoot per normaal kubieke meter minder dan 15 milligram stof, minder dan 275 milligram stikstofoxiden en minder dan 60 milligram zwaveldioxiden uit.
3. Een productie-installatie met een vermogen groter dan of gelijk aan 1 MWth stoot per normaal kubieke meter minder dan 5 milligram stof, minder dan 145 milligram stikstofoxiden, minder dan 60 milligram zwaveldioxiden en minder dan 5 milligram ammoniak bij toepassing van selectieve katalytische reductie of minder dan 10 milligram ammoniak bij toepassing van selectieve niet-katalytische reductie uit.
2. Een productie-installatie met een vermogen kleiner dan 1 MWth stoot per normaal kubieke meter minder dan 15 milligram stof, minder dan 275 milligram stikstofoxiden en minder dan 60 milligram zwaveldioxiden uit.
3. Een productie-installatie met een vermogen groter dan of gelijk aan 1 MWth stoot per normaal kubieke meter minder dan 5 milligram stof, minder dan 145 milligram stikstofoxiden, minder dan 60 milligram zwaveldioxiden en minder dan 5 milligram ammoniak bij toepassing van selectieve katalytische reductie of minder dan 10 milligram ammoniak bij toepassing van selectieve niet-katalytische reductie uit.