BWBR0043598
Geldig vanaf 27-03-2021
Artikel 5
Subsidieregeling inhaal- en ondersteuningsprogramma aanvullend op voorschoolse educatie 2020–2021
Het subsidiebedrag bestaat uit:
a. een vast bedrag voor de coördinatie van het inhaal- en ondersteuningsprogramma ve, ten bedrage van € 500,00 per instelling; en
b. een variabel bedrag voor de uitvoering van het inhaal- en ondersteuningsprogramma ve, dat wordt berekend door het aantal ve-peuters dat naar verwachting zal deelnemen aan het inhaal- en ondersteuningsprogramma ve, bedoeld in artikel 7, vierde lid, onder b, te vermenigvuldigen met € 12,50 voor elk klokuur per week, bedoeld in artikel 7, vierde lid, onder c en dat te vermenigvuldigen met het aantal weken, bedoeld in artikel 7, vierde lid, onder d.
a. een vast bedrag voor de coördinatie van het inhaal- en ondersteuningsprogramma ve, ten bedrage van € 500,00 per instelling; en
b. een variabel bedrag voor de uitvoering van het inhaal- en ondersteuningsprogramma ve, dat wordt berekend door het aantal ve-peuters dat naar verwachting zal deelnemen aan het inhaal- en ondersteuningsprogramma ve, bedoeld in artikel 7, vierde lid, onder b, te vermenigvuldigen met € 12,50 voor elk klokuur per week, bedoeld in artikel 7, vierde lid, onder c en dat te vermenigvuldigen met het aantal weken, bedoeld in artikel 7, vierde lid, onder d.
- Wet
- Subsidieregeling inhaal- en ondersteuningsprogramma aanvullend op voorschoolse educatie 2020–2021
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0043598
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl