BWBR0039885
Geldig vanaf 2015-10-01
Artikel 3b
Verkeersregeling Defensie 2015
1. De bestuurder en de passagiers van een militair motorrijtuig maken gebruik van de voor hen beschikbare autogordel.
2. In afwijking van het eerste lid behoeft tijdens opleiden en trainen buiten de weg alsmede bij daadwerkelijk operationeel optreden in het buitenland, de autogordel niet tijdens de uitoefening van de taak te worden gebruikt door:
a. bestuurders, commandanten en waarnemers voor zover ze herhaaldelijk moeten staan om beter zicht te hebben op verkeerssituaties; of
b. schutters, daarbij assisterende militairen en gewondenverzorgers voor zover het gebruik van de autogordel voor hen een belemmering vormt voor de uitoefening van hun taak; of
c. militairen die al rijdend lijnen ten behoeve van verbindingen uitleggen; of
d. alle inzittenden tijdens het maken van een wateroversteek, het diepwaden of bij het varen met het motorrijtuig; of
e. alle inzittenden, tijdens noodsituaties en voor zover de commandant ter plaatse dat aangewezen acht.
2. In afwijking van het eerste lid behoeft tijdens opleiden en trainen buiten de weg alsmede bij daadwerkelijk operationeel optreden in het buitenland, de autogordel niet tijdens de uitoefening van de taak te worden gebruikt door:
a. bestuurders, commandanten en waarnemers voor zover ze herhaaldelijk moeten staan om beter zicht te hebben op verkeerssituaties; of
b. schutters, daarbij assisterende militairen en gewondenverzorgers voor zover het gebruik van de autogordel voor hen een belemmering vormt voor de uitoefening van hun taak; of
c. militairen die al rijdend lijnen ten behoeve van verbindingen uitleggen; of
d. alle inzittenden tijdens het maken van een wateroversteek, het diepwaden of bij het varen met het motorrijtuig; of
e. alle inzittenden, tijdens noodsituaties en voor zover de commandant ter plaatse dat aangewezen acht.