BWBR0039885
Geldig vanaf 2015-10-01
Artikel 21
Verkeersregeling Defensie 2015
1. Een militair motorrijtuig voert een militair registratieteken.
2. Het eerste lid geldt niet voor een militair motorrijtuig dat is voorzien van een kenteken als genoemd in artikel 36 van de Wegenverkeerswet 1994.
3. Het registratieteken bestaat uit een combinatie van zes karakters, bestaande uit letters en cijfers die zwart en onuitwisbaar zijn aangebracht op een metalen rechthoekige plaat met een gele achtergrond.
4. Het Kentekenreglementen de daarop gebaseerde regelgeving, die betrekking hebben op de afmetingen van de kentekenplaat en de kentekens, zijn van overeenkomstige toepassing.
5. Aan de voor- en achterzijde van het militair motorrijtuig wordt een militair registratieteken op een zodanige goed zichtbare plaats aangebracht dat het registratieteken onverminderd duidelijk leesbaar en juist te interpreteren is.
6. Indien de constructie van het militair motorrijtuig de bevestiging van een registratieplaat niet toelaat, wordt het militair registratieteken op het motorrijtuig geschilderd in zwarte, onuitwisbare tekens op een gele achtergrond; dit registratieteken is onverlicht.
7. Bij een militair motorrijtuig op twee wielen volstaat een militair registratieteken op de achterzijde.
8. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op een militaire aanhangwagen, met dien verstande dat een militair registratieteken op de achterzijde van de aanhangwagen volstaat.
9. Dit artikel is niet van toepassing op civiele dienstauto’s die geen eigendom zijn van Defensie.
2. Het eerste lid geldt niet voor een militair motorrijtuig dat is voorzien van een kenteken als genoemd in artikel 36 van de Wegenverkeerswet 1994.
3. Het registratieteken bestaat uit een combinatie van zes karakters, bestaande uit letters en cijfers die zwart en onuitwisbaar zijn aangebracht op een metalen rechthoekige plaat met een gele achtergrond.
4. Het Kentekenreglementen de daarop gebaseerde regelgeving, die betrekking hebben op de afmetingen van de kentekenplaat en de kentekens, zijn van overeenkomstige toepassing.
5. Aan de voor- en achterzijde van het militair motorrijtuig wordt een militair registratieteken op een zodanige goed zichtbare plaats aangebracht dat het registratieteken onverminderd duidelijk leesbaar en juist te interpreteren is.
6. Indien de constructie van het militair motorrijtuig de bevestiging van een registratieplaat niet toelaat, wordt het militair registratieteken op het motorrijtuig geschilderd in zwarte, onuitwisbare tekens op een gele achtergrond; dit registratieteken is onverlicht.
7. Bij een militair motorrijtuig op twee wielen volstaat een militair registratieteken op de achterzijde.
8. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op een militaire aanhangwagen, met dien verstande dat een militair registratieteken op de achterzijde van de aanhangwagen volstaat.
9. Dit artikel is niet van toepassing op civiele dienstauto’s die geen eigendom zijn van Defensie.