BWBR0039881
Geldig vanaf 2005-05-11
Artikel 11
Inkomstenregeling burgerlijke ambtenaren defensie
1. Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder representatie:
het op formele wijze ontvangen en bezoeken van zakenrelaties met het oogmerk de belangen van de Staat, het Ministerie van Defensie, een defensieonderdeel of een tot een defensieonderdeel behorende organisatie-eenheid te vertegenwoordigen.
2. De ambtenaar die een functie bekleedt waarvan voor de vervulling naar het oordeel van het hoofd defensieonderdeel voortdurende representatie is vereist, in verband waarmee hij is gehouden zelf het initiatief te nemen, heeft aanspraak op een maandelijkse tegemoetkoming in de daaraan verbonden kosten.
3. De tegemoetkoming wordt toegekend door het hoofd defensieonderdeel en wordt gevonden door het in het zesde lid opgenomen basisbedrag te vermenigvuldigen met een door het hoofd defensieonderdeel toe te kennen aantal punten.
4. Het toe te kennen aantal punten wordt bepaald door de mate waarin representatie is vereist en is voor functies in Nederland niet hoger dan 100 punten en voor functies buiten Nederland en bij internationale organisaties in Nederland niet hoger dan 250 punten.
5. Het basisbedrag wordt afzonderlijk vastgesteld voor Nederland en voor de overige landen. Het basisbedrag voor de overige landen wordt verhoogd of verlaagd met een door de minister vast te stellen duurtecorrectie ter zake van het verschil in de kosten van levensonderhoud in het betreffende land ten opzichte van Nederland.
6. De basisbedragen zijn:
a. voor Nederland: € 3,40;
b. voor de overige landen: € 5,53.
het op formele wijze ontvangen en bezoeken van zakenrelaties met het oogmerk de belangen van de Staat, het Ministerie van Defensie, een defensieonderdeel of een tot een defensieonderdeel behorende organisatie-eenheid te vertegenwoordigen.
2. De ambtenaar die een functie bekleedt waarvan voor de vervulling naar het oordeel van het hoofd defensieonderdeel voortdurende representatie is vereist, in verband waarmee hij is gehouden zelf het initiatief te nemen, heeft aanspraak op een maandelijkse tegemoetkoming in de daaraan verbonden kosten.
3. De tegemoetkoming wordt toegekend door het hoofd defensieonderdeel en wordt gevonden door het in het zesde lid opgenomen basisbedrag te vermenigvuldigen met een door het hoofd defensieonderdeel toe te kennen aantal punten.
4. Het toe te kennen aantal punten wordt bepaald door de mate waarin representatie is vereist en is voor functies in Nederland niet hoger dan 100 punten en voor functies buiten Nederland en bij internationale organisaties in Nederland niet hoger dan 250 punten.
5. Het basisbedrag wordt afzonderlijk vastgesteld voor Nederland en voor de overige landen. Het basisbedrag voor de overige landen wordt verhoogd of verlaagd met een door de minister vast te stellen duurtecorrectie ter zake van het verschil in de kosten van levensonderhoud in het betreffende land ten opzichte van Nederland.
6. De basisbedragen zijn:
a. voor Nederland: € 3,40;
b. voor de overige landen: € 5,53.