BWBR0039178
Geldig vanaf 2017-04-25
Artikel 4
Subsidieregeling bedrijfsbeëindiging melkveehouderij
1. Een subsidieaanvraag wordt ingediend in een door de minister vastgestelde openstellingsperiode.
2. De eerste openstellingsperiode loopt van 20 februari 2017 tot en met 3 maart 2017 en de tweede openstellingsperiode van 8 mei 2017 tot en met 14 mei 2017.
3. De minister maakt de volgende openstellingsperiode of openstellingsperiodes ten minste twee weken voor de betreffende openstellingsperiode bekend.
4. Een subsidieaanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van een middel, dat hiervoor door de minister beschikbaar wordt gesteld.
5. Een aanvraag bevat in ieder geval een opgave van:
a. naam- en adresgegevens en het relatienummer van de houder;
b. het aantal melkkoeien, kalveren en pinken dat de houder op de eerste dag van de relevante openstellingsperiode en op 1 oktober 2016 had;
c. het aantal door de aanvrager gehouden kalveren en pinken waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
d. de naam van de zuivelonderneming of zuivelondernemingen waaraan de aanvrager melk levert.
6. De houder machtigt de minister bij de aanvraag tot het verwerken van diens persoonsgegevens en tot het controleren van gegevens bij de zuivelonderneming.
2. De eerste openstellingsperiode loopt van 20 februari 2017 tot en met 3 maart 2017 en de tweede openstellingsperiode van 8 mei 2017 tot en met 14 mei 2017.
3. De minister maakt de volgende openstellingsperiode of openstellingsperiodes ten minste twee weken voor de betreffende openstellingsperiode bekend.
4. Een subsidieaanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van een middel, dat hiervoor door de minister beschikbaar wordt gesteld.
5. Een aanvraag bevat in ieder geval een opgave van:
a. naam- en adresgegevens en het relatienummer van de houder;
b. het aantal melkkoeien, kalveren en pinken dat de houder op de eerste dag van de relevante openstellingsperiode en op 1 oktober 2016 had;
c. het aantal door de aanvrager gehouden kalveren en pinken waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
d. de naam van de zuivelonderneming of zuivelondernemingen waaraan de aanvrager melk levert.
6. De houder machtigt de minister bij de aanvraag tot het verwerken van diens persoonsgegevens en tot het controleren van gegevens bij de zuivelonderneming.