BWBR0037406
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 4
Tijdelijke regeling onafhankelijke toetsing bijzondere bevoegdheden Wiv 2002 jegens advocaten en journalisten
1. Het verzoek om toestemming bevat, onverminderd de eisen die uit de wetvoortvloeien, ten minste:
a. de mededeling dat het de uitoefening van een bijzondere bevoegdheid betreft jegens een advocaat of een journalist als bedoeld in artikel 2;
b. een aanduiding van de bijzondere bevoegdheid waarvoor toestemming wordt gevraagd en een uitgebreide motivering in hoeverre voldaan is aan de vereisten van noodzakelijkheid, proportionaliteit en subsidiariteit;
c. een motivering waarom het belang van een goede taakuitvoering zwaarder weegt dan het belang van de bescherming van de vertrouwelijke communicatie tussen de advocaat en een rechtzoekende, onderscheidenlijk het belang van de bescherming van de bron van de journalist.
2. Op een verzoek van het hoofd van de dienst aan de rechtbank Den Haag om een last als bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de wetis het eerste lid van overeenkomstige toepassing. Van een dergelijk verzoek doet het hoofd van de dienst vooraf mededeling aan de betrokken minister.
a. de mededeling dat het de uitoefening van een bijzondere bevoegdheid betreft jegens een advocaat of een journalist als bedoeld in artikel 2;
b. een aanduiding van de bijzondere bevoegdheid waarvoor toestemming wordt gevraagd en een uitgebreide motivering in hoeverre voldaan is aan de vereisten van noodzakelijkheid, proportionaliteit en subsidiariteit;
c. een motivering waarom het belang van een goede taakuitvoering zwaarder weegt dan het belang van de bescherming van de vertrouwelijke communicatie tussen de advocaat en een rechtzoekende, onderscheidenlijk het belang van de bescherming van de bron van de journalist.
2. Op een verzoek van het hoofd van de dienst aan de rechtbank Den Haag om een last als bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de wetis het eerste lid van overeenkomstige toepassing. Van een dergelijk verzoek doet het hoofd van de dienst vooraf mededeling aan de betrokken minister.