BWBR0036014
Geldig vanaf 2019-12-17
Artikel 9.14
Regeling langdurige zorg
1. Een verzekerde als bedoeld in artikel 11.1.3 van de wetdie op 31 december 2014 op grond van een indicatiebesluit is aangewezen op een zorgzwaartepakket B GGZ en die zorg behorende tot een zorgzwaartepakket VV, VG, LG, ZGaud en ZGvis ontvangt en die niet op 1 januari 2018 op grond van een indicatiebesluit is aangewezen op zorg, kan er voor kiezen met ingang van 1 januari 2018 voor de toepassing van de wet gelijk te worden gesteld met een verzekerde ten aanzien van wie het CIZ heeft vastgesteld dat hij voldoet aan artikel 3.2.1, eerste lid, van de wet.
2. Het CIZ indiceert de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, met toepassing van bijlage Aof Fbij deze regeling in een bij hem best passende zorgprofiel.
3. In afwijking van artikel 3.3.1, eerste lid, van de wetheeft de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, slechts recht op zorg met verblijf in een instelling.
2. Het CIZ indiceert de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, met toepassing van bijlage Aof Fbij deze regeling in een bij hem best passende zorgprofiel.
3. In afwijking van artikel 3.3.1, eerste lid, van de wetheeft de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, slechts recht op zorg met verblijf in een instelling.