BWBR0036014
Geldig vanaf 2019-12-17
Artikel 5.5
Regeling langdurige zorg
Een persoonsgebonden budget wordt niet verleend aan een verzekerde die:
a. krachtens zijn indicatiebesluit is aangewezen op zorgprofiel: – VV Herstelgerichte behandeling met verpleging en verzorging,
– LVG Wonen met intensieve behandeling en begeleiding, kleine groep,
– LVG Wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding,
– LVG Besloten wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding, of
– LVG Behandeling in een SGLVG behandelcentrum, of
– GGZ Beveiligd wonen vanwege extreme gedragsproblematiek met zeer intensieve begeleiding, of
– VV Herstelgerichte behandeling met verpleging en verzorging,
– LVG Wonen met intensieve behandeling en begeleiding, kleine groep,
– LVG Wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding,
– LVG Besloten wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding, of
– LVG Behandeling in een SGLVG behandelcentrum, of
– GGZ Beveiligd wonen vanwege extreme gedragsproblematiek met zeer intensieve begeleiding, of
b. op 31 december 2014 recht had op zorgzwaartepakket 9b VV, 3 LVG, 4 LVG, 5 LVG of 1 SGLVG; of
c. krachtens zijn indicatiebesluit is aangewezen op zorgprofiel LVG wonen met enige behandeling en begeleiding of LVG wonen met behandeling en begeleiding, tenzij de verzekerde op 31 december 2019 krachtens zijn indicatiebesluit was aangewezen op een van die zorgprofielen en hiervoor een persoonsgebonden budget ontving.
a. krachtens zijn indicatiebesluit is aangewezen op zorgprofiel: – VV Herstelgerichte behandeling met verpleging en verzorging,
– LVG Wonen met intensieve behandeling en begeleiding, kleine groep,
– LVG Wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding,
– LVG Besloten wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding, of
– LVG Behandeling in een SGLVG behandelcentrum, of
– GGZ Beveiligd wonen vanwege extreme gedragsproblematiek met zeer intensieve begeleiding, of
– VV Herstelgerichte behandeling met verpleging en verzorging,
– LVG Wonen met intensieve behandeling en begeleiding, kleine groep,
– LVG Wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding,
– LVG Besloten wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding, of
– LVG Behandeling in een SGLVG behandelcentrum, of
– GGZ Beveiligd wonen vanwege extreme gedragsproblematiek met zeer intensieve begeleiding, of
b. op 31 december 2014 recht had op zorgzwaartepakket 9b VV, 3 LVG, 4 LVG, 5 LVG of 1 SGLVG; of
c. krachtens zijn indicatiebesluit is aangewezen op zorgprofiel LVG wonen met enige behandeling en begeleiding of LVG wonen met behandeling en begeleiding, tenzij de verzekerde op 31 december 2019 krachtens zijn indicatiebesluit was aangewezen op een van die zorgprofielen en hiervoor een persoonsgebonden budget ontving.