BWBR0033989
Geldig vanaf 2013-10-08
Artikel 14
Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming
1. Indien Onze Minister het stembiljet, bedoeld in artikel 12, eerste lid, onder a, vaststelt, stemt de kiezer, in afwijking van artikel M 7, eerste lid, van de Kieswet, door op het stembiljet:
1°. een wit stipje, geplaatst vóór de lijst waartoe de kandidaat van zijn keuze behoort, rood, blauw, zwart of groen te maken; en vervolgens
2°. een wit stipje, geplaatst vóór het kandidaatsnummer van de kandidaat van zijn keuze, rood, blauw, zwart of groen te maken.
2. Indien Onze Minister het stembiljet, bedoeld in artikel 12, eerste lid, onder b, vaststelt, stemt de kiezer, in afwijking van artikel M 7, eerste lid, van de Kieswet, door op het stembiljet:
1°. een wit stipje, geplaatst vóór de lijst waartoe de kandidaat van zijn keuze behoort, rood, blauw, zwart of groen te maken; en vervolgens
2°. Het kandidaatsnummer van de kandidaat van zijn keuze te noteren in de daarvoor bestemde ruimte.
1°. een wit stipje, geplaatst vóór de lijst waartoe de kandidaat van zijn keuze behoort, rood, blauw, zwart of groen te maken; en vervolgens
2°. een wit stipje, geplaatst vóór het kandidaatsnummer van de kandidaat van zijn keuze, rood, blauw, zwart of groen te maken.
2. Indien Onze Minister het stembiljet, bedoeld in artikel 12, eerste lid, onder b, vaststelt, stemt de kiezer, in afwijking van artikel M 7, eerste lid, van de Kieswet, door op het stembiljet:
1°. een wit stipje, geplaatst vóór de lijst waartoe de kandidaat van zijn keuze behoort, rood, blauw, zwart of groen te maken; en vervolgens
2°. Het kandidaatsnummer van de kandidaat van zijn keuze te noteren in de daarvoor bestemde ruimte.