BWBR0030665
Geldig vanaf 2012-12-12
Artikel 6
Regeling frictie- en transitiekosten culturele basisinfrastructuur 2009–2012
1. Voor de vergoeding van een categorie 2-instelling komen in beginsel uitsluitend de volgende kosten, die door de instelling na 31 december 2012 dienen te worden voldaan, in aanmerking:
a. kosten voor de afbouw van structurele verplichtingen die zijn aangegaan ter realisatie van de activiteiten waarvoor aan de instelling voor de jaren 2009 tot en met 2012 subsidie is verstrekt; of
b. kosten waar de minister uitdrukkelijk mee heeft ingestemd.
2. Voor wat betreft een bovenwettelijke uitkering waarvoor een categorie 2-instelling zelf risico draagt en die de instelling op grond van enige arbeidsovereenkomst dient uit te keren aan een werknemer die als direct gevolg van een gedeeltelijke of gehele weigering als bedoeld in artikel 2werkloos is geworden in de zin van de Werkloosheidswet, komt uitsluitend het gedeelte voor vergoeding in aanmerking waar een betrokkene als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Rijkrecht zou hebben op grond van dat besluit, zoals dat luidt na 31 december 2012.
a. kosten voor de afbouw van structurele verplichtingen die zijn aangegaan ter realisatie van de activiteiten waarvoor aan de instelling voor de jaren 2009 tot en met 2012 subsidie is verstrekt; of
b. kosten waar de minister uitdrukkelijk mee heeft ingestemd.
2. Voor wat betreft een bovenwettelijke uitkering waarvoor een categorie 2-instelling zelf risico draagt en die de instelling op grond van enige arbeidsovereenkomst dient uit te keren aan een werknemer die als direct gevolg van een gedeeltelijke of gehele weigering als bedoeld in artikel 2werkloos is geworden in de zin van de Werkloosheidswet, komt uitsluitend het gedeelte voor vergoeding in aanmerking waar een betrokkene als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Rijkrecht zou hebben op grond van dat besluit, zoals dat luidt na 31 december 2012.