BWBR0028648
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 47
Besluit eindexamens v.w.o., h.a.v.o., v.s.b.o. BES
1. Onverminderd vrijstellingen, als bedoeld in artikelen 4, 5 en 6, is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een avondschool of dagavondschool:
a. vrijgesteld van het examen in een vak in het v.s.b.o. van het gemeenschappelijk deel, bedoeld in artikel 20 van het Landsbesluit dagscholen v.w.o., h.a.v.o., v.s.b.o., op grond van het examen v.w.o., h.a.v.o. of v.s.b.o., indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald,
b. vrijgesteld van het examen in een vak in het h.a.v.o. op grond van een examen v.w.o. of h.a.v.o., indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
c. vrijgesteld van het examen in een vak in het v.w.o. op grond van een examen v.w.o., indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
d. vrijgesteld van het examen in een vak van het v.w.o. of h.a.v.o. op grond van het overeenkomstige examen, afgelegd in Nederland of in Aruba, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
e. vrijgesteld van het profielwerkstuk of sectorwerkstuk, indien reeds eerder een profielwerkstuk respectievelijk sectorwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op twee vakken uit het desbetreffende profieldeel respectievelijk op een thema uit de desbetreffende sector, en dat is beoordeeld als «voldoende» of «goed».
2. Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het cijfer of de beoordeling is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken.
3. In aanvulling op het eerste lid, onderdelen a en b, is de kandidaat die het eindexamen v.w.o. aflegt, vrijgesteld van het vak literatuur, indien de kandidaat hiervoor bij een eerder afgelegd examen een eindcijfer 6 of hoger heeft behaald.
4. In aanvulling op het eerste lid, onderdelen a tot en met e, en het derde lid, kan de daar bedoelde kandidaat eveneens vrijgesteld worden voor één of twee vakken, waarvoor het eindcijfer 5 of 4 is behaald, mits redelijkerwijs verondersteld mag worden dat de kandidaat zal kunnen voldoen aan de voorwaarden van artikel 36 om te slagen voor het eindexamen.
5. Bij ministeriële regeling worden nadere voorschriften gegeven voor de toepassing van het eerste lid.
a. vrijgesteld van het examen in een vak in het v.s.b.o. van het gemeenschappelijk deel, bedoeld in artikel 20 van het Landsbesluit dagscholen v.w.o., h.a.v.o., v.s.b.o., op grond van het examen v.w.o., h.a.v.o. of v.s.b.o., indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald,
b. vrijgesteld van het examen in een vak in het h.a.v.o. op grond van een examen v.w.o. of h.a.v.o., indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
c. vrijgesteld van het examen in een vak in het v.w.o. op grond van een examen v.w.o., indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
d. vrijgesteld van het examen in een vak van het v.w.o. of h.a.v.o. op grond van het overeenkomstige examen, afgelegd in Nederland of in Aruba, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
e. vrijgesteld van het profielwerkstuk of sectorwerkstuk, indien reeds eerder een profielwerkstuk respectievelijk sectorwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op twee vakken uit het desbetreffende profieldeel respectievelijk op een thema uit de desbetreffende sector, en dat is beoordeeld als «voldoende» of «goed».
2. Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het cijfer of de beoordeling is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken.
3. In aanvulling op het eerste lid, onderdelen a en b, is de kandidaat die het eindexamen v.w.o. aflegt, vrijgesteld van het vak literatuur, indien de kandidaat hiervoor bij een eerder afgelegd examen een eindcijfer 6 of hoger heeft behaald.
4. In aanvulling op het eerste lid, onderdelen a tot en met e, en het derde lid, kan de daar bedoelde kandidaat eveneens vrijgesteld worden voor één of twee vakken, waarvoor het eindcijfer 5 of 4 is behaald, mits redelijkerwijs verondersteld mag worden dat de kandidaat zal kunnen voldoen aan de voorwaarden van artikel 36 om te slagen voor het eindexamen.
5. Bij ministeriële regeling worden nadere voorschriften gegeven voor de toepassing van het eerste lid.
- Citeren als
- Art. 47
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028648
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl