BWBR0027516
Geldig vanaf 2014-12-12
Artikel 9
Regeling InnovatieImpuls Onderwijs
1. De aanvraag voor subsidie voor de ontwikkeling van een projectplan als bedoeld in artikel 2, lid 1, a, en voor de uitvoering van een projectplan als bedoeld in artikel 2, lid 1, b, omvat:
a. het volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier als bedoeld in artikel 8, lid 1, b;
b. het door Agentschap NL afgegeven bewijs van toewijzing aan de experimentgroep als bedoeld in artikel 7, lid 13;
c. een projectplan dat voldoet aan de in lid 3 en 4 vermelde vereisten;
d. een projectbegroting die voldoet aan de in lid 5 vermelde vereisten.
2. De minister kan besluiten dat de subsidieaanvraag voor de ontwikkeling van een projectplan als bedoeld in artikel 2, lid 1, a, niet hoeft te voldoen aan de vereisten zoals bepaald in lid 1, c en d.
3. Het bij de aanvraag voor subsidie als bedoeld in lid 1, c, te voegen projectplan dient te passen binnen de kaders van het gepubliceerde innovatieconcept:
a. De wijze waarop de resultaten en effecten worden gemeten, dient conform de effectmeting van het innovatieconcept te zijn;
b. De in het projectplan beschreven innovatieve maatregel dient inhoudelijk overeen te komen met het innovatieconcept;
c. De (verwachte) effecten van de innovatieve maatregel moeten beschreven worden in termen van hogere arbeidsproductiviteit (met minder leraren dezelfde of hogere resultaten bereiken);
d. De begrote kosten voor uitvoering van het projectplan dienen binnen de bij het gepubliceerde innovatieconcept goedgekeurde kosten per school te blijven. Bij overschrijding is het meerdere voor eigen rekening van het bevoegd gezag.
4. Het bij de aanvraag voor subsidie als bedoeld in lid 1, c, te voegen projectplan dient aan de volgende criteria te voldoen dan wel de volgende onderdelen te bevatten:
a. het plan bevat een gedetailleerde begroting;
b. het plan maakt integraal onderdeel uit van het schoolbeleid;
c. het plan is goedgekeurd door de (PG)MR dan wel wordt aangetoond dat het draagvlak van het plan op een andere manier voldoende is geborgd;
d. een gedetailleerde planning van de projectfasen en van de activiteiten gedurende de gehele looptijd van het project;
e. een beschrijving van de wijze waarop aansturing en coördinatie van het project plaatsvindt;
f. een beschrijving van de wijze waarop eigen personeel wordt ingezet voor projectleiding, projectcoördinatie en projectuitvoering;
g. een beschrijving van de wijze waarop derden zoals bedoeld in artikel 10, lid 2, b, worden ingezet alsmede een onderbouwing van de meerwaarde van en de noodzaak tot inhuur van deze derden;
h. een beschrijving van de bij het project betrokken samenwerkingspartners, scholen en besturen;
i. een beschrijving van de wijze waarop de effectmeting plaatsvindt.
5. De projectbegroting als bedoeld in lid 1, d, dient aan de volgende criteria te voldoen:
a. De projectbegroting sluit één op één aan op de activiteiten van het projectplan;
b. De projectbegroting geeft inzicht in de begrote kosten per kalenderjaar;
c. In de projectbegroting wordt onderscheid gemaakt naar de subsidiabele kostensoorten, zoals opgenomen in artikel 10, lid 2.
a. het volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier als bedoeld in artikel 8, lid 1, b;
b. het door Agentschap NL afgegeven bewijs van toewijzing aan de experimentgroep als bedoeld in artikel 7, lid 13;
c. een projectplan dat voldoet aan de in lid 3 en 4 vermelde vereisten;
d. een projectbegroting die voldoet aan de in lid 5 vermelde vereisten.
2. De minister kan besluiten dat de subsidieaanvraag voor de ontwikkeling van een projectplan als bedoeld in artikel 2, lid 1, a, niet hoeft te voldoen aan de vereisten zoals bepaald in lid 1, c en d.
3. Het bij de aanvraag voor subsidie als bedoeld in lid 1, c, te voegen projectplan dient te passen binnen de kaders van het gepubliceerde innovatieconcept:
a. De wijze waarop de resultaten en effecten worden gemeten, dient conform de effectmeting van het innovatieconcept te zijn;
b. De in het projectplan beschreven innovatieve maatregel dient inhoudelijk overeen te komen met het innovatieconcept;
c. De (verwachte) effecten van de innovatieve maatregel moeten beschreven worden in termen van hogere arbeidsproductiviteit (met minder leraren dezelfde of hogere resultaten bereiken);
d. De begrote kosten voor uitvoering van het projectplan dienen binnen de bij het gepubliceerde innovatieconcept goedgekeurde kosten per school te blijven. Bij overschrijding is het meerdere voor eigen rekening van het bevoegd gezag.
4. Het bij de aanvraag voor subsidie als bedoeld in lid 1, c, te voegen projectplan dient aan de volgende criteria te voldoen dan wel de volgende onderdelen te bevatten:
a. het plan bevat een gedetailleerde begroting;
b. het plan maakt integraal onderdeel uit van het schoolbeleid;
c. het plan is goedgekeurd door de (PG)MR dan wel wordt aangetoond dat het draagvlak van het plan op een andere manier voldoende is geborgd;
d. een gedetailleerde planning van de projectfasen en van de activiteiten gedurende de gehele looptijd van het project;
e. een beschrijving van de wijze waarop aansturing en coördinatie van het project plaatsvindt;
f. een beschrijving van de wijze waarop eigen personeel wordt ingezet voor projectleiding, projectcoördinatie en projectuitvoering;
g. een beschrijving van de wijze waarop derden zoals bedoeld in artikel 10, lid 2, b, worden ingezet alsmede een onderbouwing van de meerwaarde van en de noodzaak tot inhuur van deze derden;
h. een beschrijving van de bij het project betrokken samenwerkingspartners, scholen en besturen;
i. een beschrijving van de wijze waarop de effectmeting plaatsvindt.
5. De projectbegroting als bedoeld in lid 1, d, dient aan de volgende criteria te voldoen:
a. De projectbegroting sluit één op één aan op de activiteiten van het projectplan;
b. De projectbegroting geeft inzicht in de begrote kosten per kalenderjaar;
c. In de projectbegroting wordt onderscheid gemaakt naar de subsidiabele kostensoorten, zoals opgenomen in artikel 10, lid 2.