BWBR0025709
Geldig vanaf 2011-09-29
Artikel 7
Regeling Onderwijs Netwerk Ondernemen
1. De minister verstrekt op aanvraag projectsubsidie aan een samenwerkingsverband dat voor gezamenlijke rekening en risico een project uitvoert.
2. De subsidie wordt verstrekt aan de deelnemers gezamenlijk en betaald aan de deelnemer die bij de indiening van de aanvraag door de deelnemers gezamenlijk als penvoerder is aangewezen. De penvoerder is in ieder geval een onderwijsinstelling. Heeft de penvoerder zelf geen rechtspersoonlijkheid, dan wordt de subsidie betaald aan het bevoegd gezag van de penvoerder. Is er geen bevoegd gezag dan dienen de deelnemers in de aanvraag gezamenlijk aan te geven aan welke rechtspersoon de subsidie kan worden betaald.
3. De subsidie wordt verleend aan projecten die tot doel hebben:
a. het ondersteunen van de deelnemende onderwijsinstellingen bij het effectief vormgeven en verankeren van het leren ondernemen in de eigen instellingen; en
b. het structureel ondersteunen van kennisopbouw en -uitwisseling over het leren ondernemen in het onderwijsnetwerk ondernemen; en
c. het stimuleren dat andere onderwijsinstellingen en partijen in de regio actief worden in het leren ondernemen.
4. Geen subsidie wordt verstrekt:
a. indien reeds subsidie is verstrekt aan een penvoerder voor eenzelfde samenwerkingsverband;
b. voor projectkosten die zijn gemaakt voor de datum van indiening van de aanvraag.
2. De subsidie wordt verstrekt aan de deelnemers gezamenlijk en betaald aan de deelnemer die bij de indiening van de aanvraag door de deelnemers gezamenlijk als penvoerder is aangewezen. De penvoerder is in ieder geval een onderwijsinstelling. Heeft de penvoerder zelf geen rechtspersoonlijkheid, dan wordt de subsidie betaald aan het bevoegd gezag van de penvoerder. Is er geen bevoegd gezag dan dienen de deelnemers in de aanvraag gezamenlijk aan te geven aan welke rechtspersoon de subsidie kan worden betaald.
3. De subsidie wordt verleend aan projecten die tot doel hebben:
a. het ondersteunen van de deelnemende onderwijsinstellingen bij het effectief vormgeven en verankeren van het leren ondernemen in de eigen instellingen; en
b. het structureel ondersteunen van kennisopbouw en -uitwisseling over het leren ondernemen in het onderwijsnetwerk ondernemen; en
c. het stimuleren dat andere onderwijsinstellingen en partijen in de regio actief worden in het leren ondernemen.
4. Geen subsidie wordt verstrekt:
a. indien reeds subsidie is verstrekt aan een penvoerder voor eenzelfde samenwerkingsverband;
b. voor projectkosten die zijn gemaakt voor de datum van indiening van de aanvraag.