BWBR0025709
Geldig vanaf 2011-09-29
Artikel 19
Regeling Onderwijs Netwerk Ondernemen
1. De subsidie wordt uiterlijk binnen twee jaren en zes maanden na aanvang van het project, zoals bedoeld in artikel 21, besteed. De subsidie wordt verstrekt als tegemoetkoming in de uitgaven die zijn verbonden aan het in deze regeling omschreven doel en zoals deze zijn omschreven in het activiteitenplan bij de aanvraag. Zij kan ook worden aangewend voor andere activiteiten waarvoor aan de betrokken scholen en instellingen bekostiging wordt verstrekt. Tenzij de minister besluit tot gehele of gedeeltelijke terugvordering omdat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, niet zijn verricht of niet is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen, vindt geen terugvordering van niet-bestede middelen plaats.
2. Over de uitgevoerde projectactiviteiten wordt verantwoording afgelegd door middel van een inhoudelijk eindverslag, waarin tevens is opgenomen een prestatieverklaring, over de activiteiten waarvoor subsidie is gevraagd. Dit eindverslag met de prestatieverklaring wordt overlegd bij de aanvraag tot subsidievaststelling. Daarnaast geldt voor de in het eerste lid bedoelde bekostigde scholen en instellingen dat de verklaring van de accountant bij de reguliere jaarrekening tevens een oordeel omvat over de rechtmatige besteding van de subsidie.
3. Naast de verantwoording van de subsidie in de jaarverslaggeving brengt de subsidieontvanger een jaar na aanvang van het project schriftelijk verslag uit omtrent de uitvoering van het project. Het verslag wordt neergelegd in het formulier dat is opgenomen als bijlage 2bij deze regeling en bevat een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee behaalde resultaten. De inrichting van het verslag komt overeen met de inrichting van het activiteitenplan en bevat, voor zover van toepassing, een analyse van de verschillen tussen de voorgenomen activiteiten en beoogde resultaten, vermeld in het activiteitenplan, en de feitelijke realisatie. Voor het opstellen en versturen van het voortgangsverslag heeft de subsidieontvanger 8 weken de tijd, te rekenen vanaf het moment dat het in de eerste volzin bedoelde jaar is geëindigd.
4. Het in het vorige lid bedoelde verslag wordt gezonden aan AgentschapNL.
5. Naar aanleiding van het in het derde lid genoemde verslag, kan de minister besluiten om de subsidiëring van het vervolg van het project geheel of gedeeltelijk te beëindigen.
6. De leden 1 tot en met 5 zijn van overeenkomstige toepassing op een subsidieverlening als bedoeld in paragraaf 6a.
7. Het voortgangsverslag, bedoeld in het derde lid, wordt ingeval van een subsidieverlening als bedoeld in paragraaf 6aingediend met gebruikmaking van een formulier overeenkomstig het model dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 5.
2. Over de uitgevoerde projectactiviteiten wordt verantwoording afgelegd door middel van een inhoudelijk eindverslag, waarin tevens is opgenomen een prestatieverklaring, over de activiteiten waarvoor subsidie is gevraagd. Dit eindverslag met de prestatieverklaring wordt overlegd bij de aanvraag tot subsidievaststelling. Daarnaast geldt voor de in het eerste lid bedoelde bekostigde scholen en instellingen dat de verklaring van de accountant bij de reguliere jaarrekening tevens een oordeel omvat over de rechtmatige besteding van de subsidie.
3. Naast de verantwoording van de subsidie in de jaarverslaggeving brengt de subsidieontvanger een jaar na aanvang van het project schriftelijk verslag uit omtrent de uitvoering van het project. Het verslag wordt neergelegd in het formulier dat is opgenomen als bijlage 2bij deze regeling en bevat een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee behaalde resultaten. De inrichting van het verslag komt overeen met de inrichting van het activiteitenplan en bevat, voor zover van toepassing, een analyse van de verschillen tussen de voorgenomen activiteiten en beoogde resultaten, vermeld in het activiteitenplan, en de feitelijke realisatie. Voor het opstellen en versturen van het voortgangsverslag heeft de subsidieontvanger 8 weken de tijd, te rekenen vanaf het moment dat het in de eerste volzin bedoelde jaar is geëindigd.
4. Het in het vorige lid bedoelde verslag wordt gezonden aan AgentschapNL.
5. Naar aanleiding van het in het derde lid genoemde verslag, kan de minister besluiten om de subsidiëring van het vervolg van het project geheel of gedeeltelijk te beëindigen.
6. De leden 1 tot en met 5 zijn van overeenkomstige toepassing op een subsidieverlening als bedoeld in paragraaf 6a.
7. Het voortgangsverslag, bedoeld in het derde lid, wordt ingeval van een subsidieverlening als bedoeld in paragraaf 6aingediend met gebruikmaking van een formulier overeenkomstig het model dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 5.