BWBR0023428
Geldig vanaf 2008-02-06
Artikel 4.4
Regeling melding ongeoorloofde afwezigheid
In dit hoofdstuk worden met het oog op de te volgen meldingsprocedure de navolgende twee groepen ongeoorloofd afwezigen onderscheiden:
a. de groep strafrechtelijk geplaatsten omvat de jeugdigen aan wie is opgelegd: 1°. de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
2°. een vrijheidsbenemende straf of vrijheidsbenemende maatregel anders dan bedoeld onder 1° van dit onderdeel of onder b van dit artikel, die zich hebben onttrokken aan de tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 4.2, onder a tot en met d;
3°. een vrijheidsbenemende straf of vrijheidsbenemende maatregel anders dan bedoeld onder 1° van dit onderdeel of onder b van dit artikel, die zich hebben onttrokken aan de tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 4.2, onder e.
1°. de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
2°. een vrijheidsbenemende straf of vrijheidsbenemende maatregel anders dan bedoeld onder 1° van dit onderdeel of onder b van dit artikel, die zich hebben onttrokken aan de tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 4.2, onder a tot en met d;
3°. een vrijheidsbenemende straf of vrijheidsbenemende maatregel anders dan bedoeld onder 1° van dit onderdeel of onder b van dit artikel, die zich hebben onttrokken aan de tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 4.2, onder e.
b. de groep niet-strafrechtelijk geplaatsten omvat de jeugdigen: 1° die op grond van artikel 6.2.2, tweede lid, van de Jeugdwet in de inrichting verblijven;
2° in vreemdelingenbewaring;
3° met overige vrijheidsbenemende maatregelen.
1° die op grond van artikel 6.2.2, tweede lid, van de Jeugdwet in de inrichting verblijven;
2° in vreemdelingenbewaring;
3° met overige vrijheidsbenemende maatregelen.
a. de groep strafrechtelijk geplaatsten omvat de jeugdigen aan wie is opgelegd: 1°. de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
2°. een vrijheidsbenemende straf of vrijheidsbenemende maatregel anders dan bedoeld onder 1° van dit onderdeel of onder b van dit artikel, die zich hebben onttrokken aan de tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 4.2, onder a tot en met d;
3°. een vrijheidsbenemende straf of vrijheidsbenemende maatregel anders dan bedoeld onder 1° van dit onderdeel of onder b van dit artikel, die zich hebben onttrokken aan de tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 4.2, onder e.
1°. de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
2°. een vrijheidsbenemende straf of vrijheidsbenemende maatregel anders dan bedoeld onder 1° van dit onderdeel of onder b van dit artikel, die zich hebben onttrokken aan de tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 4.2, onder a tot en met d;
3°. een vrijheidsbenemende straf of vrijheidsbenemende maatregel anders dan bedoeld onder 1° van dit onderdeel of onder b van dit artikel, die zich hebben onttrokken aan de tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 4.2, onder e.
b. de groep niet-strafrechtelijk geplaatsten omvat de jeugdigen: 1° die op grond van artikel 6.2.2, tweede lid, van de Jeugdwet in de inrichting verblijven;
2° in vreemdelingenbewaring;
3° met overige vrijheidsbenemende maatregelen.
1° die op grond van artikel 6.2.2, tweede lid, van de Jeugdwet in de inrichting verblijven;
2° in vreemdelingenbewaring;
3° met overige vrijheidsbenemende maatregelen.