BWBR0020764
Geldig vanaf 01-01-2007
Artikel 4:31
Regeling solvabiliteitseisen kredietrisico en grote posities Wft 2010
De operationele vereisten zijn:
a. de zekerheidsovereenkomsten zijn adequaat gedocumenteerd en er bestaat een duidelijke en deugdelijke procedure voor een zo spoedig mogelijke uitwinning van de zekerheden;
b. de financiële onderneming past deugdelijke procedures en processen toe ter beheersing van de risico's die uit het gebruik van zekerheden voortvloeien, zoals onder andere: 1°. de risico’s die aan een tekortschietende of verminderde kredietprotectie verbonden zijn;
2°. de waarderingsrisico’s;
3°. de met de opzegging van de kredietprotectie samenhangende risico’s;
4°. de concentratierisico`s die aan het gebruik van zekerheden verbonden zijn; en
5°. de interactie met het algemene risicoprofiel van de financiële onderneming;
1°. de risico’s die aan een tekortschietende of verminderde kredietprotectie verbonden zijn;
2°. de waarderingsrisico’s;
3°. de met de opzegging van de kredietprotectie samenhangende risico’s;
4°. de concentratierisico`s die aan het gebruik van zekerheden verbonden zijn; en
5°. de interactie met het algemene risicoprofiel van de financiële onderneming;
c. de financiële onderneming legt de gedragslijnen en praktijken die ten aanzien van de aanvaarde typen zekerheden en de aanvaarde bedragen aan zekerheden worden gevolgd, schriftelijk vast;
d. de financiële onderneming berekent de marktwaarde van de zekerheden in ieder geval met een frequentie van ten minste eenmaal per zes maanden en herwaardeert deze voor zover nodig vaker wanneer de financiële onderneming reden heeft om aan te nemen dat de marktwaarde significant gedaald is; en
e. wanneer de zekerheden door een derde worden aangehouden, onderneemt de financiële onderneming alle stappen die redelijkerwijs nodig zijn om te waarborgen dat de betrokken derde de zekerheden afscheidt van de eigen activa.
a. de zekerheidsovereenkomsten zijn adequaat gedocumenteerd en er bestaat een duidelijke en deugdelijke procedure voor een zo spoedig mogelijke uitwinning van de zekerheden;
b. de financiële onderneming past deugdelijke procedures en processen toe ter beheersing van de risico's die uit het gebruik van zekerheden voortvloeien, zoals onder andere: 1°. de risico’s die aan een tekortschietende of verminderde kredietprotectie verbonden zijn;
2°. de waarderingsrisico’s;
3°. de met de opzegging van de kredietprotectie samenhangende risico’s;
4°. de concentratierisico`s die aan het gebruik van zekerheden verbonden zijn; en
5°. de interactie met het algemene risicoprofiel van de financiële onderneming;
1°. de risico’s die aan een tekortschietende of verminderde kredietprotectie verbonden zijn;
2°. de waarderingsrisico’s;
3°. de met de opzegging van de kredietprotectie samenhangende risico’s;
4°. de concentratierisico`s die aan het gebruik van zekerheden verbonden zijn; en
5°. de interactie met het algemene risicoprofiel van de financiële onderneming;
c. de financiële onderneming legt de gedragslijnen en praktijken die ten aanzien van de aanvaarde typen zekerheden en de aanvaarde bedragen aan zekerheden worden gevolgd, schriftelijk vast;
d. de financiële onderneming berekent de marktwaarde van de zekerheden in ieder geval met een frequentie van ten minste eenmaal per zes maanden en herwaardeert deze voor zover nodig vaker wanneer de financiële onderneming reden heeft om aan te nemen dat de marktwaarde significant gedaald is; en
e. wanneer de zekerheden door een derde worden aangehouden, onderneemt de financiële onderneming alle stappen die redelijkerwijs nodig zijn om te waarborgen dat de betrokken derde de zekerheden afscheidt van de eigen activa.
- Citeren als
- Art. 4:31
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020764
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl