BWBR0020560
Geldig vanaf 2006-11-25
Artikel 5
Regeling Groeifaciliteit
1. De kapitaalverschaffer is voor het verkrijgen van een reserveringsquotum een provisie van 1% van dit quotum verschuldigd.
2. De kapitaalverschaffer is jaarlijks voor de garantie op het verstrekte risicokapitaal een provisie verschuldigd die
a. 2,5% van de gegarandeerde waarde van dit risicokapitaal bedraagt indien de kapitaalverstrekking bestaat uit een niet converteerbare achtergestelde lening zonder dat deze gepaard gaat met een kapitaalverstrekking aan dezelfde MKB-ondernemer door de kapitaalverschaffer of door een andere kapitaalverschaffer die deel uitmaakt van dezelfde groep in de vorm van een converteerbare achtergestelde lening of aandelenkapitaal;
b. 3% van de gegarandeerde waarde van dit risicokapitaal bedraagt in andere gevallen.
3. Per kwartaal wordt een vierde deel van de in het tweede lid bedoelde provisie in rekening gebracht, uitgaand van de waarde van het risicokapitaal op de eerste dag van het kwartaal.
4. De in het tweede lid bedoelde provisie is verschuldigd voor de duur van de garantie of zoveel korter als zich één van de in artikel 4, derde lid, genoemde omstandigheden voordoet.
5. Indien het risicokapitaal aandelenkapitaal betreft dat wordt vervreemd binnen zes jaren vanaf de verstrekking van het risicokapitaal, is de kapitaalverschaffer op dat tijdstip een aanvullende provisie verschuldigd voor de periode vanaf het tijdstip van de vervreemding tot het verstrijken van de periode van zes jaren, welke aanvullende provisie wordt berekend met overeenkomstige toepassing van het tweede lid en uitgaand van de waarde van het aandelenkapitaal op de eerste dag van het kwartaal voorafgaand aan de vervreemding.
6. Indien het risicokapitaal een achtergestelde lening betreft, is de kapitaalverschaffer op het tijdstip van de volledige aflossing van de lening een aanvullende provisie verschuldigd indien de op grond van het tweede lid voor de totale looptijd van de lening verschuldigde provisie minder bedraagt dan het zesvoud van de provisie die met toepassing van het tweede lid voor de helft van het geleende bedrag kan worden berekend, welke aanvullende provisie gelijk is aan het hiervoor bedoelde verschil.
2. De kapitaalverschaffer is jaarlijks voor de garantie op het verstrekte risicokapitaal een provisie verschuldigd die
a. 2,5% van de gegarandeerde waarde van dit risicokapitaal bedraagt indien de kapitaalverstrekking bestaat uit een niet converteerbare achtergestelde lening zonder dat deze gepaard gaat met een kapitaalverstrekking aan dezelfde MKB-ondernemer door de kapitaalverschaffer of door een andere kapitaalverschaffer die deel uitmaakt van dezelfde groep in de vorm van een converteerbare achtergestelde lening of aandelenkapitaal;
b. 3% van de gegarandeerde waarde van dit risicokapitaal bedraagt in andere gevallen.
3. Per kwartaal wordt een vierde deel van de in het tweede lid bedoelde provisie in rekening gebracht, uitgaand van de waarde van het risicokapitaal op de eerste dag van het kwartaal.
4. De in het tweede lid bedoelde provisie is verschuldigd voor de duur van de garantie of zoveel korter als zich één van de in artikel 4, derde lid, genoemde omstandigheden voordoet.
5. Indien het risicokapitaal aandelenkapitaal betreft dat wordt vervreemd binnen zes jaren vanaf de verstrekking van het risicokapitaal, is de kapitaalverschaffer op dat tijdstip een aanvullende provisie verschuldigd voor de periode vanaf het tijdstip van de vervreemding tot het verstrijken van de periode van zes jaren, welke aanvullende provisie wordt berekend met overeenkomstige toepassing van het tweede lid en uitgaand van de waarde van het aandelenkapitaal op de eerste dag van het kwartaal voorafgaand aan de vervreemding.
6. Indien het risicokapitaal een achtergestelde lening betreft, is de kapitaalverschaffer op het tijdstip van de volledige aflossing van de lening een aanvullende provisie verschuldigd indien de op grond van het tweede lid voor de totale looptijd van de lening verschuldigde provisie minder bedraagt dan het zesvoud van de provisie die met toepassing van het tweede lid voor de helft van het geleende bedrag kan worden berekend, welke aanvullende provisie gelijk is aan het hiervoor bedoelde verschil.