BWBR0019322
Geldig vanaf 2006-04-21
Artikel 12
Vrijstellingsregeling Wfd
Van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald zijn vrijgesteld financiële dienstverleners:
a. voor zover zij bemiddelen in hagelschadeverzekeringen, paarden- en veeverzekeringen of glasverzekeringen, met uitzondering van broeiglasverzekeringen;
b. die reisbureau of reisorganisatie zijn, voor zover zij bemiddelen in verzekeringen die met het oog op een reis of vakantie worden afgesloten, alsmede in annuleringsverzekeringen, indien op de desbetreffende vestiging van het reisbureau of de reisorganisatie ten minste een medewerker beschikt over: 1°. een geldig diploma voor de eindtermen, opgenomen in bijlage 4 van het besluit;
2°. het diploma vakbekwaamheid voor het reisbureaubedrijf, na 1 juli 1992 afgegeven door de Stichting Examens en Proeven voor het Reisbureaubedrijf;
3°. het certificaat ‘reisverzekeringen’, afgegeven door de Stichting Examens en Proeven voor het Reisbureaubedrijf;
4°. het diploma Middelbaar Middenstands Onderwijs, afdeling Middelbaar Toeristisch en Recreatief Onderwijs, afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
5°. het diploma Middelbaar economisch en administratief onderwijs, afdeling Middelbaar Toeristisch en Recreatief Onderwijs, na 1 januari 1994 afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
6°. het diploma Middelbaar beroepsonderwijs, Sector Economie, Afdeling Toerisme en Recreatie, afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
7°. het diploma Middenkaderfunctionaris reizen, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
8°. het diploma Zelfstandig werkend medewerker reizen, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
9°. het diploma Middenkaderfunctionaris toeristische informatie, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, indien dit diploma is afgegeven mede op basis van het behalen van het examen voor de deelkwalificatie Vakantiereizen; of
10°. het diploma Zelfstandig werkend medewerker toeristische informatie, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, indien dit diploma is afgegeven mede op basis van het behalen van het examen voor de deelkwalificatie Vakantiereizen.
1°. een geldig diploma voor de eindtermen, opgenomen in bijlage 4 van het besluit;
2°. het diploma vakbekwaamheid voor het reisbureaubedrijf, na 1 juli 1992 afgegeven door de Stichting Examens en Proeven voor het Reisbureaubedrijf;
3°. het certificaat ‘reisverzekeringen’, afgegeven door de Stichting Examens en Proeven voor het Reisbureaubedrijf;
4°. het diploma Middelbaar Middenstands Onderwijs, afdeling Middelbaar Toeristisch en Recreatief Onderwijs, afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
5°. het diploma Middelbaar economisch en administratief onderwijs, afdeling Middelbaar Toeristisch en Recreatief Onderwijs, na 1 januari 1994 afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
6°. het diploma Middelbaar beroepsonderwijs, Sector Economie, Afdeling Toerisme en Recreatie, afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
7°. het diploma Middenkaderfunctionaris reizen, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
8°. het diploma Zelfstandig werkend medewerker reizen, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
9°. het diploma Middenkaderfunctionaris toeristische informatie, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, indien dit diploma is afgegeven mede op basis van het behalen van het examen voor de deelkwalificatie Vakantiereizen; of
10°. het diploma Zelfstandig werkend medewerker toeristische informatie, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, indien dit diploma is afgegeven mede op basis van het behalen van het examen voor de deelkwalificatie Vakantiereizen.
a. voor zover zij bemiddelen in hagelschadeverzekeringen, paarden- en veeverzekeringen of glasverzekeringen, met uitzondering van broeiglasverzekeringen;
b. die reisbureau of reisorganisatie zijn, voor zover zij bemiddelen in verzekeringen die met het oog op een reis of vakantie worden afgesloten, alsmede in annuleringsverzekeringen, indien op de desbetreffende vestiging van het reisbureau of de reisorganisatie ten minste een medewerker beschikt over: 1°. een geldig diploma voor de eindtermen, opgenomen in bijlage 4 van het besluit;
2°. het diploma vakbekwaamheid voor het reisbureaubedrijf, na 1 juli 1992 afgegeven door de Stichting Examens en Proeven voor het Reisbureaubedrijf;
3°. het certificaat ‘reisverzekeringen’, afgegeven door de Stichting Examens en Proeven voor het Reisbureaubedrijf;
4°. het diploma Middelbaar Middenstands Onderwijs, afdeling Middelbaar Toeristisch en Recreatief Onderwijs, afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
5°. het diploma Middelbaar economisch en administratief onderwijs, afdeling Middelbaar Toeristisch en Recreatief Onderwijs, na 1 januari 1994 afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
6°. het diploma Middelbaar beroepsonderwijs, Sector Economie, Afdeling Toerisme en Recreatie, afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
7°. het diploma Middenkaderfunctionaris reizen, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
8°. het diploma Zelfstandig werkend medewerker reizen, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
9°. het diploma Middenkaderfunctionaris toeristische informatie, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, indien dit diploma is afgegeven mede op basis van het behalen van het examen voor de deelkwalificatie Vakantiereizen; of
10°. het diploma Zelfstandig werkend medewerker toeristische informatie, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, indien dit diploma is afgegeven mede op basis van het behalen van het examen voor de deelkwalificatie Vakantiereizen.
1°. een geldig diploma voor de eindtermen, opgenomen in bijlage 4 van het besluit;
2°. het diploma vakbekwaamheid voor het reisbureaubedrijf, na 1 juli 1992 afgegeven door de Stichting Examens en Proeven voor het Reisbureaubedrijf;
3°. het certificaat ‘reisverzekeringen’, afgegeven door de Stichting Examens en Proeven voor het Reisbureaubedrijf;
4°. het diploma Middelbaar Middenstands Onderwijs, afdeling Middelbaar Toeristisch en Recreatief Onderwijs, afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
5°. het diploma Middelbaar economisch en administratief onderwijs, afdeling Middelbaar Toeristisch en Recreatief Onderwijs, na 1 januari 1994 afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
6°. het diploma Middelbaar beroepsonderwijs, Sector Economie, Afdeling Toerisme en Recreatie, afgegeven op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
7°. het diploma Middenkaderfunctionaris reizen, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
8°. het diploma Zelfstandig werkend medewerker reizen, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
9°. het diploma Middenkaderfunctionaris toeristische informatie, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, indien dit diploma is afgegeven mede op basis van het behalen van het examen voor de deelkwalificatie Vakantiereizen; of
10°. het diploma Zelfstandig werkend medewerker toeristische informatie, afgegeven op grond van artikel 7.4.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, indien dit diploma is afgegeven mede op basis van het behalen van het examen voor de deelkwalificatie Vakantiereizen.