BWBR0017824
Geldig vanaf 2006-06-23
Artikel 3.35
Organisatiebesluit VROM 2005
1. De directie Normstelling, Instrumenten en Beleidskaders staat onder leiding van de directeur Normstelling, Instrumenten en Beleidskaders.
2. De taken van de directie Normstelling, Instrumenten en Beleidskaders zijn:
a. het coördineren van de uitvoering Nota Ruimte en Uitvoeringsagenda;
b. het opstellen van beleidsinhoudelijke kaders voor horizontale doorwerking van het ruimtelijk beleid richting de sectordepartementen;
c. het opstellen van uitvoeringsgerichte kaders voor verticale doorwerking richting provincies, gemeenten, en WGR-regio’s (gericht op een ruimtelijke afweging in regionale opgaven, door hen neer te leggen in bijvoorbeeld structuurvisies en bestemmingsplannen);
d. het beheren en ontwikkelen van de ruimtelijke regelgeving;
e. het vormgeven van kaders en instrumenten voor grondbeleid, o.a. vanuit het perspectief van ontwikkelingsplanologie, rood-groenbalans en woningbouw;
f. het bijdragen aan sectorale wet- en regelgeving van derden;
g. het beoordelen van de nationale ruimtelijke impact van internationale beleidskaders;
h. het (laten) onderzoeken, evalueren en verantwoorden van en daarmee bijdragen aan bestaand en nieuw te ontwikkelen beleid, kaders, uitvoering en doorwerking;
i. het stimuleren van regionale en lokale overheden, en andere bij de ruimtelijke inrichting betrokken partijen, door communicatieve inspanningen en het wegnemen van belemmeringen.
3. De directie Nationaal en Internationaal Beleid bestaat uit de volgende onderdelen:
a. Cluster Stedelijke Ontwikkeling en Netwerken;
b. Cluster Water en Groene Ruimte;
c. Cluster Beleidsevaluatie en Uitvoeringscoördinatie;
d. Cluster Recht en Stimuleren;
e. Directiebureau.
2. De taken van de directie Normstelling, Instrumenten en Beleidskaders zijn:
a. het coördineren van de uitvoering Nota Ruimte en Uitvoeringsagenda;
b. het opstellen van beleidsinhoudelijke kaders voor horizontale doorwerking van het ruimtelijk beleid richting de sectordepartementen;
c. het opstellen van uitvoeringsgerichte kaders voor verticale doorwerking richting provincies, gemeenten, en WGR-regio’s (gericht op een ruimtelijke afweging in regionale opgaven, door hen neer te leggen in bijvoorbeeld structuurvisies en bestemmingsplannen);
d. het beheren en ontwikkelen van de ruimtelijke regelgeving;
e. het vormgeven van kaders en instrumenten voor grondbeleid, o.a. vanuit het perspectief van ontwikkelingsplanologie, rood-groenbalans en woningbouw;
f. het bijdragen aan sectorale wet- en regelgeving van derden;
g. het beoordelen van de nationale ruimtelijke impact van internationale beleidskaders;
h. het (laten) onderzoeken, evalueren en verantwoorden van en daarmee bijdragen aan bestaand en nieuw te ontwikkelen beleid, kaders, uitvoering en doorwerking;
i. het stimuleren van regionale en lokale overheden, en andere bij de ruimtelijke inrichting betrokken partijen, door communicatieve inspanningen en het wegnemen van belemmeringen.
3. De directie Nationaal en Internationaal Beleid bestaat uit de volgende onderdelen:
a. Cluster Stedelijke Ontwikkeling en Netwerken;
b. Cluster Water en Groene Ruimte;
c. Cluster Beleidsevaluatie en Uitvoeringscoördinatie;
d. Cluster Recht en Stimuleren;
e. Directiebureau.