BWBR0016539
Geldig vanaf 2004-04-01
Artikel 14
Regeling superheffing
1. De producent die melk of andere zuivelproducten rechtstreeks heeft verkocht of overgedragen doet bij het productschap tijdig aangifte overeenkomstig het bepaalde in artikel 11, eerste en tweede lid, van de commissieverordening.
2. De producent met een beschikbare referentiehoeveelheid voor rechtstreekse verkoop doet tevens in geval hij geen melk of andere zuivelproducten heeft verkocht of overgedragen, aangifte, als bedoeld in het eerste lid, bij het productschap.
3. Indien de producent de in het eerste of tweede lid bedoelde aangifte niet voor 15 mei heeft gedaan of een onjuiste aangifte heeft ingediend, legt het productschap aan de producent de sanctie als bedoeld in artikel 11, derde lid, van de commissieverordening, op, behoudens in geval artikel 11, vijfde lid, van de commissieverordening van toepassing is.
4. Indien op 1 juli geen aangifte is ontvangen door het productschap, voegt het productschap, overeenkomstig het bepaalde in artikel 11, vierde lid, van de commissieverordening de referentiehoeveelheid voor rechtstreekse verkoop van de producent aan de nationale reserve toe, behoudens in geval artikel 11, vijfde lid, van de commissieverordening van toepassing is.
2. De producent met een beschikbare referentiehoeveelheid voor rechtstreekse verkoop doet tevens in geval hij geen melk of andere zuivelproducten heeft verkocht of overgedragen, aangifte, als bedoeld in het eerste lid, bij het productschap.
3. Indien de producent de in het eerste of tweede lid bedoelde aangifte niet voor 15 mei heeft gedaan of een onjuiste aangifte heeft ingediend, legt het productschap aan de producent de sanctie als bedoeld in artikel 11, derde lid, van de commissieverordening, op, behoudens in geval artikel 11, vijfde lid, van de commissieverordening van toepassing is.
4. Indien op 1 juli geen aangifte is ontvangen door het productschap, voegt het productschap, overeenkomstig het bepaalde in artikel 11, vierde lid, van de commissieverordening de referentiehoeveelheid voor rechtstreekse verkoop van de producent aan de nationale reserve toe, behoudens in geval artikel 11, vijfde lid, van de commissieverordening van toepassing is.