BWBR0016446
Geldig vanaf 2004-03-01
Artikel 9
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Dienst Ondersteunende Taken van het GVB Amsterdam 2003
Het hoofd van de Dienst Ondersteunende Taken van het GVB brengt jaarlijks, vóór 1 april over het jaar daaraan voorafgaand, aan de Minister van Justitie verslag uit over:
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was bij de Dienst Ondersteunende Taken van het GVB;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. het aantal interventies waarbij het gebruik/toepassing van handboeien en/of een korte wapenstok geïndiceerd is geweest;
d. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen voor dat examen zijn geslaagd.
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was bij de Dienst Ondersteunende Taken van het GVB;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. het aantal interventies waarbij het gebruik/toepassing van handboeien en/of een korte wapenstok geïndiceerd is geweest;
d. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen voor dat examen zijn geslaagd.