BWBR0016034
Geldig vanaf 2004-01-01
Artikel 19
Regeling innovatiesubsidie samenwerkingsprojecten opkomende markten
1. Op een subsidie ter zake waarvan een beschikking tot subsidieverlening geldt, kunnen op aanvraag van de subsidie-ontvanger door de minister voorschotten worden verstrekt.
2. Een voorschot wordt berekend naar rato van de gemaakte en betaalde projectkosten, voor zover deze nog niet eerder bij de verstrekking van een voorschot in aanmerking zijn genomen. In totaal zal het bedrag aan voorschotten niet groter zijn dan 80 procent van het bij de subsidieverlening vermelde maximale subsidiebedrag.
3. In afwijking van het eerste en tweede lid wordt aan de deelnemers in het samenwerkingsverband, indien daarin een ondernemer deelneemt als bedoeld in artikel 3, vierde lid, het eerste voorschot ambtshalve verstrekt bij de subsidieverlening, met dien verstande dat dit voorschot 25 procent bedraagt van het bij de subsidieverlening vermelde maximale subsidiebedrag.
4. Bij de toepassing van het tweede lid wordt de opslag, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b, geacht gemaakt en betaald te zijn voor zover de kosten waarover hij wordt berekend zijn gemaakt en betaald.
5. Een voorschot als bedoeld in het tweede lid wordt slechts verstrekt, indien het bedrag aan voorschot meer is dan € 15 000.
2. Een voorschot wordt berekend naar rato van de gemaakte en betaalde projectkosten, voor zover deze nog niet eerder bij de verstrekking van een voorschot in aanmerking zijn genomen. In totaal zal het bedrag aan voorschotten niet groter zijn dan 80 procent van het bij de subsidieverlening vermelde maximale subsidiebedrag.
3. In afwijking van het eerste en tweede lid wordt aan de deelnemers in het samenwerkingsverband, indien daarin een ondernemer deelneemt als bedoeld in artikel 3, vierde lid, het eerste voorschot ambtshalve verstrekt bij de subsidieverlening, met dien verstande dat dit voorschot 25 procent bedraagt van het bij de subsidieverlening vermelde maximale subsidiebedrag.
4. Bij de toepassing van het tweede lid wordt de opslag, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b, geacht gemaakt en betaald te zijn voor zover de kosten waarover hij wordt berekend zijn gemaakt en betaald.
5. Een voorschot als bedoeld in het tweede lid wordt slechts verstrekt, indien het bedrag aan voorschot meer is dan € 15 000.