BWBR0016034
Geldig vanaf 2004-01-01
Artikel 17
Regeling innovatiesubsidie samenwerkingsprojecten opkomende markten
1. De subsidie-ontvanger draagt, behoudens voorafgaande schriftelijke ontheffing van de minister, met betrekking tot de resultaten van het project zorg voor:
a. de tenaamstelling op eigen naam en de verwerving van rechten van intellectuele eigendom op de resultaten die daarvoor in aanmerking komen;
b. de instandhouding van de in het eerste lid bedoelde rechten;
c. de instandhouding van andere voor de uitvoering van het project van belang zijnde en door de uitvoering van het project opgedane kennis.
2. De subsidie-ontvanger stelt, behoudens voorafgaande schriftelijke ontheffing van de minister, niet ter beschikking van derden:
a. rechten van intellectuele eigendom op de resultaten van het project;
b. aanspraken op een intellectueel eigendomsrecht op de resultaten van het project;
c. rechten die voortvloeien uit een aanvraag om een intellectueel eigendomsrecht op de resultaten van het project;
3. De subsidie-ontvanger belast, behoudens voorafgaande schriftelijke ontheffing van de minister, de in het tweede lid bedoelde rechten en aanspraken niet met een zekerheidsrecht ten behoeve van een derde.
4. De subsidie-ontvanger brengt desgevraagd aan de minister verslag uit omtrent de toepassing van de resultaten van het project.
5. De subsidie-ontvanger zal, behoudens voorafgaande schriftelijke ontheffing van de minister, niet:
a. indien hij een rechtspersoon is, de rechtspersoon ontbinden of geheel of gedeeltelijk vervreemden noch zijn statutaire zetel verplaatsen buiten Nederland;
b. indien hij deelneemt in een vennootschap onder firma of maatschap, meewerken aan de ontbinding ervan of aan het uittreden van een of meer deelnemers ervan.
6. Aan een ontheffing als bedoeld in het eerste, tweede, derde of vijfde lid kunnen voorschriften worden verbonden.
a. de tenaamstelling op eigen naam en de verwerving van rechten van intellectuele eigendom op de resultaten die daarvoor in aanmerking komen;
b. de instandhouding van de in het eerste lid bedoelde rechten;
c. de instandhouding van andere voor de uitvoering van het project van belang zijnde en door de uitvoering van het project opgedane kennis.
2. De subsidie-ontvanger stelt, behoudens voorafgaande schriftelijke ontheffing van de minister, niet ter beschikking van derden:
a. rechten van intellectuele eigendom op de resultaten van het project;
b. aanspraken op een intellectueel eigendomsrecht op de resultaten van het project;
c. rechten die voortvloeien uit een aanvraag om een intellectueel eigendomsrecht op de resultaten van het project;
3. De subsidie-ontvanger belast, behoudens voorafgaande schriftelijke ontheffing van de minister, de in het tweede lid bedoelde rechten en aanspraken niet met een zekerheidsrecht ten behoeve van een derde.
4. De subsidie-ontvanger brengt desgevraagd aan de minister verslag uit omtrent de toepassing van de resultaten van het project.
5. De subsidie-ontvanger zal, behoudens voorafgaande schriftelijke ontheffing van de minister, niet:
a. indien hij een rechtspersoon is, de rechtspersoon ontbinden of geheel of gedeeltelijk vervreemden noch zijn statutaire zetel verplaatsen buiten Nederland;
b. indien hij deelneemt in een vennootschap onder firma of maatschap, meewerken aan de ontbinding ervan of aan het uittreden van een of meer deelnemers ervan.
6. Aan een ontheffing als bedoeld in het eerste, tweede, derde of vijfde lid kunnen voorschriften worden verbonden.