BWBR0015799
Geldig vanaf 2016-12-08
Artikel 6a
IKAP-Regeling rijkspersoneel
1. Voor de in artikel 6, tweede lid, onder a, genoemde belastingvrije vergoeding voor de bedrijfsfitness gelden de volgende voorwaarden:
a. deelneming aan de bedrijfsfitness staat open voor alle of nagenoeg alle ambtenaren of voor alle of nagenoeg alle ambtenaren met dezelfde plaats van tewerkstelling die niet is gelegen in de woning van een van deze ambtenaren;
b. de bedrijfsfitness vindt plaats: 1°. in een vestiging van het bevoegd gezag of in een fitnesscentrum dat door het bevoegd gezag is aangewezen voor alle ambtenaren, met dien verstande dat, ingeval het bevoegd gezag voor bedrijfsfitness een overeenkomst sluit met één fitnessbedrijf dat meer dan één vestiging heeft, de bedrijfsfitness kan plaatsvinden in elke vestiging van dat fitnessbedrijf, of
2°. in een fitnesscentrum dat door het bevoegd gezag is aangewezen voor alle ambtenaren met dezelfde niet in de woning van een van deze ambtenaren gelegen plaats van tewerkstelling, met dien verstande dat, ingeval het bevoegd gezag met betrekking tot de ambtenaren op deze arbeidsplaats voor bedrijfsfitness een overeenkomst sluit met één fitnessbedrijf dat meer dan één vestiging heeft, de bedrijfsfitness kan plaatsvinden in elke vestiging van dat fitnessbedrijf;
1°. in een vestiging van het bevoegd gezag of in een fitnesscentrum dat door het bevoegd gezag is aangewezen voor alle ambtenaren, met dien verstande dat, ingeval het bevoegd gezag voor bedrijfsfitness een overeenkomst sluit met één fitnessbedrijf dat meer dan één vestiging heeft, de bedrijfsfitness kan plaatsvinden in elke vestiging van dat fitnessbedrijf, of
2°. in een fitnesscentrum dat door het bevoegd gezag is aangewezen voor alle ambtenaren met dezelfde niet in de woning van een van deze ambtenaren gelegen plaats van tewerkstelling, met dien verstande dat, ingeval het bevoegd gezag met betrekking tot de ambtenaren op deze arbeidsplaats voor bedrijfsfitness een overeenkomst sluit met één fitnessbedrijf dat meer dan één vestiging heeft, de bedrijfsfitness kan plaatsvinden in elke vestiging van dat fitnessbedrijf;
c. onder bedrijfsfitness als bedoeld in de onderdelen a en b wordt verstaan: conditie- of krachttraining van ambtenaren welke plaatsvindt onder deskundig toezicht en welke georganiseerd of geïnitieerd wordt door het bevoegd gezag.
2. De in artikel 6, tweede lid, onder b, bedoelde belastingvrije vergoeding voor de fiets, inclusief fietsaccessoires, bedraagt maximaal € 750,–. Voor de toepassing van dit lid gelden de volgende voorwaarden:
a. de ambtenaar maakt op meer dan de helft van het aantal dagen dat hij pleegt te reizen in het kader van woon-werkverkeer gebruik van de fiets;
b. in het kalenderjaar en de twee voorafgaande kalenderjaren is ter zake van de aanschaf van een fiets, inclusief fietsaccessoires, geen belastingvrije vergoeding betaald.
3. De in artikel 6, tweede lid, onder c, bedoelde belastingvrije vergoeding voor de inrichting van de telewerkruimte bedraagt maximaal € 1.815,– in het kalenderjaar en de vier voorafgaande kalenderjaren. Voor de toepassing van dit lid gelden de volgende voorwaarden:
a. de ambtenaar pleegt blijkens een overeenkomst ten minste eenmaal per week, gedurende de gebruikelijke werktijd en zonder dat tevens wordt gereisd naar een buiten de woning gelegen plaats van tewerkstelling, in die werkruimte ter vervulling van de dienstbetrekking te werken met behulp van telematica;
b. de in het vorige onderdeel genoemde overeenkomst bevat ten minste naam en adres van de ambtenaar en het bevoegd gezag;
c. De inrichting van de werkruimte in de woning voldoet aan de voorwaarden die in de artikelen 5.4, 5.12 en 6.3 van het Arbeidsomstandighedenbesluit zijn gesteld.
4. Voor de in artikel 6, tweede lid, onderdeel h, genoemde aanvulling op de tegemoetkoming voor woon-werkverkeer gelden de volgende voorwaarden.
a. In afwijking van artikel 6, eerste lid, betaalt het bevoegd gezag deze vergoeding automatisch uit en zet daartoe de eindejaarsuitkering, genoemd in artikel 6, eerste lid, onderdeel f, en indien nodig het genoten salaris in de maand november in tot het maximum, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder a.
b. Indien de ambtenaar geheel of gedeeltelijk afziet van de automatische vergoeding, bedoeld in het eerste lid, dan meldt hij dit, voor 1 november van het kalenderjaar waarin wordt overgegaan tot uitkering van deze belastingvrije bestemmingsmogelijkheid bij het bevoegd gezag. De melding wordt gedaan op een door het bevoegd gezag aan te geven wijze.
c. De in artikel 6, tweede lid, onder h, genoemde vergoeding wordt gebaseerd op de kilometers berekend overeenkomstig artikel 12, zesde lid, van de Verplaatsingskostenregeling 1989. De reisafstand bedoeld, in artikel 11, vierde lid, van de Verplaatsingskostenregeling 1989 komt uitsluitend voor vergoeding in aanmerking als deze meer dan een kilometer is.
a. deelneming aan de bedrijfsfitness staat open voor alle of nagenoeg alle ambtenaren of voor alle of nagenoeg alle ambtenaren met dezelfde plaats van tewerkstelling die niet is gelegen in de woning van een van deze ambtenaren;
b. de bedrijfsfitness vindt plaats: 1°. in een vestiging van het bevoegd gezag of in een fitnesscentrum dat door het bevoegd gezag is aangewezen voor alle ambtenaren, met dien verstande dat, ingeval het bevoegd gezag voor bedrijfsfitness een overeenkomst sluit met één fitnessbedrijf dat meer dan één vestiging heeft, de bedrijfsfitness kan plaatsvinden in elke vestiging van dat fitnessbedrijf, of
2°. in een fitnesscentrum dat door het bevoegd gezag is aangewezen voor alle ambtenaren met dezelfde niet in de woning van een van deze ambtenaren gelegen plaats van tewerkstelling, met dien verstande dat, ingeval het bevoegd gezag met betrekking tot de ambtenaren op deze arbeidsplaats voor bedrijfsfitness een overeenkomst sluit met één fitnessbedrijf dat meer dan één vestiging heeft, de bedrijfsfitness kan plaatsvinden in elke vestiging van dat fitnessbedrijf;
1°. in een vestiging van het bevoegd gezag of in een fitnesscentrum dat door het bevoegd gezag is aangewezen voor alle ambtenaren, met dien verstande dat, ingeval het bevoegd gezag voor bedrijfsfitness een overeenkomst sluit met één fitnessbedrijf dat meer dan één vestiging heeft, de bedrijfsfitness kan plaatsvinden in elke vestiging van dat fitnessbedrijf, of
2°. in een fitnesscentrum dat door het bevoegd gezag is aangewezen voor alle ambtenaren met dezelfde niet in de woning van een van deze ambtenaren gelegen plaats van tewerkstelling, met dien verstande dat, ingeval het bevoegd gezag met betrekking tot de ambtenaren op deze arbeidsplaats voor bedrijfsfitness een overeenkomst sluit met één fitnessbedrijf dat meer dan één vestiging heeft, de bedrijfsfitness kan plaatsvinden in elke vestiging van dat fitnessbedrijf;
c. onder bedrijfsfitness als bedoeld in de onderdelen a en b wordt verstaan: conditie- of krachttraining van ambtenaren welke plaatsvindt onder deskundig toezicht en welke georganiseerd of geïnitieerd wordt door het bevoegd gezag.
2. De in artikel 6, tweede lid, onder b, bedoelde belastingvrije vergoeding voor de fiets, inclusief fietsaccessoires, bedraagt maximaal € 750,–. Voor de toepassing van dit lid gelden de volgende voorwaarden:
a. de ambtenaar maakt op meer dan de helft van het aantal dagen dat hij pleegt te reizen in het kader van woon-werkverkeer gebruik van de fiets;
b. in het kalenderjaar en de twee voorafgaande kalenderjaren is ter zake van de aanschaf van een fiets, inclusief fietsaccessoires, geen belastingvrije vergoeding betaald.
3. De in artikel 6, tweede lid, onder c, bedoelde belastingvrije vergoeding voor de inrichting van de telewerkruimte bedraagt maximaal € 1.815,– in het kalenderjaar en de vier voorafgaande kalenderjaren. Voor de toepassing van dit lid gelden de volgende voorwaarden:
a. de ambtenaar pleegt blijkens een overeenkomst ten minste eenmaal per week, gedurende de gebruikelijke werktijd en zonder dat tevens wordt gereisd naar een buiten de woning gelegen plaats van tewerkstelling, in die werkruimte ter vervulling van de dienstbetrekking te werken met behulp van telematica;
b. de in het vorige onderdeel genoemde overeenkomst bevat ten minste naam en adres van de ambtenaar en het bevoegd gezag;
c. De inrichting van de werkruimte in de woning voldoet aan de voorwaarden die in de artikelen 5.4, 5.12 en 6.3 van het Arbeidsomstandighedenbesluit zijn gesteld.
4. Voor de in artikel 6, tweede lid, onderdeel h, genoemde aanvulling op de tegemoetkoming voor woon-werkverkeer gelden de volgende voorwaarden.
a. In afwijking van artikel 6, eerste lid, betaalt het bevoegd gezag deze vergoeding automatisch uit en zet daartoe de eindejaarsuitkering, genoemd in artikel 6, eerste lid, onderdeel f, en indien nodig het genoten salaris in de maand november in tot het maximum, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder a.
b. Indien de ambtenaar geheel of gedeeltelijk afziet van de automatische vergoeding, bedoeld in het eerste lid, dan meldt hij dit, voor 1 november van het kalenderjaar waarin wordt overgegaan tot uitkering van deze belastingvrije bestemmingsmogelijkheid bij het bevoegd gezag. De melding wordt gedaan op een door het bevoegd gezag aan te geven wijze.
c. De in artikel 6, tweede lid, onder h, genoemde vergoeding wordt gebaseerd op de kilometers berekend overeenkomstig artikel 12, zesde lid, van de Verplaatsingskostenregeling 1989. De reisafstand bedoeld, in artikel 11, vierde lid, van de Verplaatsingskostenregeling 1989 komt uitsluitend voor vergoeding in aanmerking als deze meer dan een kilometer is.