BWBR0015764
Geldig vanaf 2004-01-28
Artikel 5
Kaderwet diervoeders
1. Het is verboden:
a. een toevoegingsmiddel of een vervangend voederproteïne dat niet ingevolge een communautaire maatregel is toegelaten, voorhanden of in voorraad te hebben, in het verkeer te brengen, te vervoeren of in voormengsels of diervoeders te verwerken;
b. voormengsels of diervoeders met een niet ingevolge een communautaire maatregel toegelaten toevoegingsmiddel of vervangend voederproteïne voorhanden of in voorraad te hebben, in het verkeer te brengen, te vervoeren of te vervoederen.
2. Het verbod van het eerste lid geldt niet met betrekking tot toevoegingsmiddelen en vervangende voederproteïnen, voormengsels en diervoeders die kennelijk bestemd zijn voor uitvoer naar derde landen, mits is voldaan aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde regelen.
a. een toevoegingsmiddel of een vervangend voederproteïne dat niet ingevolge een communautaire maatregel is toegelaten, voorhanden of in voorraad te hebben, in het verkeer te brengen, te vervoeren of in voormengsels of diervoeders te verwerken;
b. voormengsels of diervoeders met een niet ingevolge een communautaire maatregel toegelaten toevoegingsmiddel of vervangend voederproteïne voorhanden of in voorraad te hebben, in het verkeer te brengen, te vervoeren of te vervoederen.
2. Het verbod van het eerste lid geldt niet met betrekking tot toevoegingsmiddelen en vervangende voederproteïnen, voormengsels en diervoeders die kennelijk bestemd zijn voor uitvoer naar derde landen, mits is voldaan aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde regelen.