BWBR0015703
Geldig vanaf 2024-12-11
Artikel 60
Participatiewet
1. De persoon van wie kosten van bijstand worden teruggevorderd is verplicht desgevraagd aan het college de inlichtingen te verstrekken die voor terugvordering op grond van deze paragraaf van belang zijn.
2. Het college kan de kosten van de bijstand, bedoeld in de artikelen 58en 59invorderen bij dwangbevel.
3. Indien de persoon van wie kosten van bijstand als bedoeld in de artikelen 58, met uitzondering van het eerste lid, en 59worden teruggevorderd algemene bijstand of een uitkering op grond van de <a href="/wet/BWBR0004044" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers</a>of de <a href="/wet/BWBR0004163" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen</a>ontvangt, is het college bevoegd tot verrekening van die kosten met die algemene bijstand of uitkering.
4. Indien de persoon van wie kosten van bijstand als bedoeld in de artikelen 58, eerste lid, worden teruggevorderd dan wel verplicht is tot betaling van een bestuurlijke boete of een eerdere bestuurlijke boete wegens eenzelfde gedraging als bedoeld in de artikelen 18a, vijfde lid, of 47g, vijfde lid, algemene bijstand of een uitkering op grond van de <a href="/wet/BWBR0004044" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers</a>of de <a href="/wet/BWBR0004163" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen</a>ontvangt, verrekent het college die kosten en bestuurlijke boete met die algemene bijstand of uitkering.
5. De in <a href="/wet/BWBR0001827/artikel/479g" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 479g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering</a>aan de raad voor de kinderbescherming toegekende bevoegdheid komt gelijkelijk toe aan het college. Indien het college gebruik maakt van deze bevoegdheid, geschiedt de bekendmaking van het dwangbevel, in afwijking van <a href="/wet/BWBR0005537/artikel/4:123" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 4:123, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht</a>, door middel van toezending per post aan degene van wie kosten van bijstand worden teruggevorderd.
6. Zolang de belanghebbende de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid en de artikelen 18a, achtste lid, en 47g, achtste lid, niet of niet behoorlijk nakomt:
a. is het college, in afwijking van artikel 4:93, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, bevoegd tot verrekening voor zover beslag op de vordering van de schuldeiser nietig zou zijn;
b. geldt de beslagvrije voet, bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, in afwijking van artikel 4:116 van de Algemene wet bestuursrecht, niet bij invordering van kosten van bijstand en de bestuurlijke boete bij dwangbevel.
7. Terugvordering van kosten van bijstand als bedoeld in de artikelen 58en 59is bevoorrecht en volgt onmiddellijk na de vorderingen in <a href="/wet/BWBR0005291/artikel/288" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 288 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek</a>omschreven.
2. Het college kan de kosten van de bijstand, bedoeld in de artikelen 58en 59invorderen bij dwangbevel.
3. Indien de persoon van wie kosten van bijstand als bedoeld in de artikelen 58, met uitzondering van het eerste lid, en 59worden teruggevorderd algemene bijstand of een uitkering op grond van de <a href="/wet/BWBR0004044" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers</a>of de <a href="/wet/BWBR0004163" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen</a>ontvangt, is het college bevoegd tot verrekening van die kosten met die algemene bijstand of uitkering.
4. Indien de persoon van wie kosten van bijstand als bedoeld in de artikelen 58, eerste lid, worden teruggevorderd dan wel verplicht is tot betaling van een bestuurlijke boete of een eerdere bestuurlijke boete wegens eenzelfde gedraging als bedoeld in de artikelen 18a, vijfde lid, of 47g, vijfde lid, algemene bijstand of een uitkering op grond van de <a href="/wet/BWBR0004044" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers</a>of de <a href="/wet/BWBR0004163" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen</a>ontvangt, verrekent het college die kosten en bestuurlijke boete met die algemene bijstand of uitkering.
5. De in <a href="/wet/BWBR0001827/artikel/479g" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 479g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering</a>aan de raad voor de kinderbescherming toegekende bevoegdheid komt gelijkelijk toe aan het college. Indien het college gebruik maakt van deze bevoegdheid, geschiedt de bekendmaking van het dwangbevel, in afwijking van <a href="/wet/BWBR0005537/artikel/4:123" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 4:123, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht</a>, door middel van toezending per post aan degene van wie kosten van bijstand worden teruggevorderd.
6. Zolang de belanghebbende de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid en de artikelen 18a, achtste lid, en 47g, achtste lid, niet of niet behoorlijk nakomt:
a. is het college, in afwijking van artikel 4:93, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, bevoegd tot verrekening voor zover beslag op de vordering van de schuldeiser nietig zou zijn;
b. geldt de beslagvrije voet, bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, in afwijking van artikel 4:116 van de Algemene wet bestuursrecht, niet bij invordering van kosten van bijstand en de bestuurlijke boete bij dwangbevel.
7. Terugvordering van kosten van bijstand als bedoeld in de artikelen 58en 59is bevoorrecht en volgt onmiddellijk na de vorderingen in <a href="/wet/BWBR0005291/artikel/288" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 288 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek</a>omschreven.