BWBR0014943
Geldig vanaf 06-07-2003
Artikel 22
Verordening slachting, weging en classificatie slachtrunderen 2003
1. De be- of verwerker is verplicht er voor zorg te dragen dat de aanbrenging van classificatiemerken geschiedt door de classificateur dan wel onder toezicht van en overeenkomstig de instructies van de classificatieorganisatie.
2. Voor runderen B dient het classificatiemerkte worden aangebracht op de buitenzijde van het karkas en wel op elke achtervoet op het lendenstuk ter hoogte van de vierde lendenwervel en op elke voorvoet op de puntborst op ongeveer 10 tot 30 cm van de sternurnspleet. Voor runderen A dient het classificatiemerk te worden aangebracht op elk voor- en achterspan.
3. Het is verboden om op enig andere wijze dan in de voorgaande leden is voorzien classificatiemerken op het slachtrund aan te brengen of te doen aanbrengen.
2. Voor runderen B dient het classificatiemerkte worden aangebracht op de buitenzijde van het karkas en wel op elke achtervoet op het lendenstuk ter hoogte van de vierde lendenwervel en op elke voorvoet op de puntborst op ongeveer 10 tot 30 cm van de sternurnspleet. Voor runderen A dient het classificatiemerk te worden aangebracht op elk voor- en achterspan.
3. Het is verboden om op enig andere wijze dan in de voorgaande leden is voorzien classificatiemerken op het slachtrund aan te brengen of te doen aanbrengen.
- Citeren als
- Art. 22
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014943
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl