BWBR0013946
Geldig vanaf 2015-01-01
Artikel 14
Regeling bestrijding schadelijke organismen
1. Suikerbieten, voederbieten en afval van suikerbieten of voederbieten, voor zover daaraan bladvorming voorkomt, zijn niet voorhanden of in voorraad:
a. na 15 april van elk jaar in de provincie Groningen en de provincie Friesland;
b. na 1 april van elk jaar in: 1°. het gedeelte van de provincie Noord-Holland, gevormd door de gemeenten Haarlemmermeer en Wieringermeer;
2°. het gedeelte van de provincie Zuid-Holland, gevormd door de eilanden Rozenburg, Voorne, Putten, Ijsselmonde, Hoekschewaard, Eiland van Dordrecht, Tiengemeten en Goeree-Overflakkee;
3°. de provincies Flevoland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg.
1°. het gedeelte van de provincie Noord-Holland, gevormd door de gemeenten Haarlemmermeer en Wieringermeer;
2°. het gedeelte van de provincie Zuid-Holland, gevormd door de eilanden Rozenburg, Voorne, Putten, Ijsselmonde, Hoekschewaard, Eiland van Dordrecht, Tiengemeten en Goeree-Overflakkee;
3°. de provincies Flevoland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op suikerbieten en voederbieten, welke kennelijk bestemd zijn voor zaadwinning.
a. na 15 april van elk jaar in de provincie Groningen en de provincie Friesland;
b. na 1 april van elk jaar in: 1°. het gedeelte van de provincie Noord-Holland, gevormd door de gemeenten Haarlemmermeer en Wieringermeer;
2°. het gedeelte van de provincie Zuid-Holland, gevormd door de eilanden Rozenburg, Voorne, Putten, Ijsselmonde, Hoekschewaard, Eiland van Dordrecht, Tiengemeten en Goeree-Overflakkee;
3°. de provincies Flevoland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg.
1°. het gedeelte van de provincie Noord-Holland, gevormd door de gemeenten Haarlemmermeer en Wieringermeer;
2°. het gedeelte van de provincie Zuid-Holland, gevormd door de eilanden Rozenburg, Voorne, Putten, Ijsselmonde, Hoekschewaard, Eiland van Dordrecht, Tiengemeten en Goeree-Overflakkee;
3°. de provincies Flevoland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op suikerbieten en voederbieten, welke kennelijk bestemd zijn voor zaadwinning.