BWBR0012874
Geldig vanaf 2001-10-15
Artikel 6
Regeling type-certificatie luchtwaardigheid
1. De minister neemt een aanvraag voor een ingrijpende wijziging van een type-certificaat door een JAA-persoon in behandeling wanneer deze JAA-persoon de houder van het type-certificaat is en de voorgestelde wijziging van het type-ontwerp naar het oordeel van de minister niet een geheel nieuw onderzoek vereist zoals bedoeld in JAR 21.19.
2. Een aanvraag voor een wijziging van een type-certificaat wordt door een JAA-persoon ingediend overeenkomstig JAR 21.93.
3. De aanvrager, zijnde een JAA-persoon, toont voor de goedkeuring van een ingrijpende wijziging van een type-certificaat conform JAR 21.97 aan, dat het gewijzigde product voldoet aan de eisen van JAR 21.101 en van ICAO Annex 16, Vol. I.
4. De aanvrager, zijnde een JAA-persoon, toont voor de goedkeuring van een geringe wijziging van een type-certificaat aan, dat het gewijzigde product voldoet aan de eisen van JAR 21.101 en van ICAO Annex 16, Vol. I.
2. Een aanvraag voor een wijziging van een type-certificaat wordt door een JAA-persoon ingediend overeenkomstig JAR 21.93.
3. De aanvrager, zijnde een JAA-persoon, toont voor de goedkeuring van een ingrijpende wijziging van een type-certificaat conform JAR 21.97 aan, dat het gewijzigde product voldoet aan de eisen van JAR 21.101 en van ICAO Annex 16, Vol. I.
4. De aanvrager, zijnde een JAA-persoon, toont voor de goedkeuring van een geringe wijziging van een type-certificaat aan, dat het gewijzigde product voldoet aan de eisen van JAR 21.101 en van ICAO Annex 16, Vol. I.