BWBR0012778
Geldig vanaf 2019-04-01
Artikel 117
Besluit zeevarenden
1. De kapitein van een schip, niet zijnde een vissersvaartuig draagt er zorg voor dat voor het ondernemen van een reis en gedurende de reis overeenkomstig Hoofdstuk III/10 van het SOLAS-verdrag voldoende zeevarenden in het bezit van het certificaat reddingmiddelen aan boord zijn die in het bezit zijn van het certificaat, bedoeld in artikel 40, tweede lid.
2. Voor de toepassing van het eerste lid worden kapiteins, stuurlieden en maritieme officieren geacht in het bezit te zijn van het certificaat reddingmiddelen.
3. De kapitein van elk schip dat is uitgerust met snelle hulpverleningsboten draagt er zorg voor dat voor het ondernemen van een reis en gedurende de reis voor iedere snelle hulpverleningsboot tenminste twee bemanningsleden beschikbaar zijn in het bezit van het certificaat snelle hulpverleningsboten als bedoeld in artikel 89.
2. Voor de toepassing van het eerste lid worden kapiteins, stuurlieden en maritieme officieren geacht in het bezit te zijn van het certificaat reddingmiddelen.
3. De kapitein van elk schip dat is uitgerust met snelle hulpverleningsboten draagt er zorg voor dat voor het ondernemen van een reis en gedurende de reis voor iedere snelle hulpverleningsboot tenminste twee bemanningsleden beschikbaar zijn in het bezit van het certificaat snelle hulpverleningsboten als bedoeld in artikel 89.