BWBR0012615
Geldig vanaf 2001-07-01
Artikel 13
Regeling paardensperma
1. De in artikel 12bedoelde administratie is zodanig ingericht, dat daaruit op elk moment op eenvoudige wijze met betrekking tot elke transactie kan worden afgeleid:
a. de datum van de transactie;
b. het identificatienummer van het betrokken sperma;
c. het ontvangen of afgeleverde aantal doses sperma;
d. naam en adres van de ontvanger of de leverancier;
e. het paardenspermawincentrum waar het sperma gewonnen is, en
f. indien het buiten Nederland gewonnen sperma betreft, het nummer van het gezondheidscertificaat, bedoeld in artikel 9.5, onderdeel c, of in artikel 9.6, derde lid, onderdeel c, van de Regeling handel levende dieren en levende producten, alsmede de datum waarop dit sperma binnen Nederland is gebracht.
2. Voor zover het sperma op het paardenspermawincentrum is geïnsemineerd, is de in artikel 12bedoelde administratie is zodanig ingericht, dat daaruit op elk moment op eenvoudige wijze met betrekking tot elke inseminatie kan worden afgeleid:
a. de datum van de inseminatie;
b. het identificatienummer van het betrokken sperma, en
c. het identificatienummer van het geïnsemineerde dier.
3. De in het eerste en tweede lid bedoelde gegevens worden bewaard tot drie jaar nadat het betrokken sperma van het paardenspermawincentrum is afgevoerd respectievelijk op het paardenspermawincentrum is geïnsemineerd.
a. de datum van de transactie;
b. het identificatienummer van het betrokken sperma;
c. het ontvangen of afgeleverde aantal doses sperma;
d. naam en adres van de ontvanger of de leverancier;
e. het paardenspermawincentrum waar het sperma gewonnen is, en
f. indien het buiten Nederland gewonnen sperma betreft, het nummer van het gezondheidscertificaat, bedoeld in artikel 9.5, onderdeel c, of in artikel 9.6, derde lid, onderdeel c, van de Regeling handel levende dieren en levende producten, alsmede de datum waarop dit sperma binnen Nederland is gebracht.
2. Voor zover het sperma op het paardenspermawincentrum is geïnsemineerd, is de in artikel 12bedoelde administratie is zodanig ingericht, dat daaruit op elk moment op eenvoudige wijze met betrekking tot elke inseminatie kan worden afgeleid:
a. de datum van de inseminatie;
b. het identificatienummer van het betrokken sperma, en
c. het identificatienummer van het geïnsemineerde dier.
3. De in het eerste en tweede lid bedoelde gegevens worden bewaard tot drie jaar nadat het betrokken sperma van het paardenspermawincentrum is afgevoerd respectievelijk op het paardenspermawincentrum is geïnsemineerd.