BWBR0012184
Geldig vanaf 2001-02-08
Artikel 10
Regeling Stimulans innovatieve leeromgevingen BVE 2001-2004
1. De aanvrager dient elke zes maanden gedurende de looptijd van het project een rapportage in, waarin de voortgang van het project inhoudelijk en financieel beschreven is.
2. De aanvrager dient binnen zes weken na afloop van het project zijn aanvraag tot subsidievaststelling als bedoeld in artikel 4:44 van de Algemene Wet Bestuursrecht in.
3. De aanvraag tot subsidievaststelling bestaat uit een financieel verslag en een verslag van de projectactiviteiten, waarin de aanvrager rekening en verantwoording aflegt omtrent de verrichte projectactiviteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang zijn.
4. In het financieel verslag en het verslag van de projectactiviteiten wordt tot uitdrukking gebracht in hoeverre sprake is van een behoorlijke uitvoering van de projectactiviteiten waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee behaalde resultaten alsmede van een doelmatige aanwending van de subsidie.
5. Het financieel verslag gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid, afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. De verklaring heeft tevens betrekking op het onderzoek van de naleving van de aan de subsidie verbonden voorwaarden.
6. Het verslag van de projectactiviteiten bevat een overzicht van de werkzaamheden waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee bereikte resultaten.
7. Het verslag van de projectactiviteiten bevat, voorzover van toepassing, een analyse van de verschillen tussen de voorgenomen projectactiviteiten en beoogde resultaten, vermeld in het projectplan, en de feitelijke realisatie.
2. De aanvrager dient binnen zes weken na afloop van het project zijn aanvraag tot subsidievaststelling als bedoeld in artikel 4:44 van de Algemene Wet Bestuursrecht in.
3. De aanvraag tot subsidievaststelling bestaat uit een financieel verslag en een verslag van de projectactiviteiten, waarin de aanvrager rekening en verantwoording aflegt omtrent de verrichte projectactiviteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang zijn.
4. In het financieel verslag en het verslag van de projectactiviteiten wordt tot uitdrukking gebracht in hoeverre sprake is van een behoorlijke uitvoering van de projectactiviteiten waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee behaalde resultaten alsmede van een doelmatige aanwending van de subsidie.
5. Het financieel verslag gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid, afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. De verklaring heeft tevens betrekking op het onderzoek van de naleving van de aan de subsidie verbonden voorwaarden.
6. Het verslag van de projectactiviteiten bevat een overzicht van de werkzaamheden waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee bereikte resultaten.
7. Het verslag van de projectactiviteiten bevat, voorzover van toepassing, een analyse van de verschillen tussen de voorgenomen projectactiviteiten en beoogde resultaten, vermeld in het projectplan, en de feitelijke realisatie.