BWBR0011788
Geldig vanaf 2000-12-01
Artikel 14
Wet stedelijke vernieuwing
1. Onze Minister stelt onderscheidenlijk gedeputeerde staten stellen binnen vier maanden na de indieningstermijn genoemd in artikel 13, eerste of zesde lid, het bedrag van het investeringsbudget vast. Deze termijn kan eenmaal met ten hoogste twee maanden worden verlengd. Het bedrag van het investeringsbudget wordt vastgesteld op het bedrag van het verleende investeringsbudget, indien geen van de in artikel 10, eerste en tweede lid, bedoelde omstandigheden zich voordoet.
2. Het investeringsbudget wordt overeenkomstig de vaststelling ervan betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten.
2. Het investeringsbudget wordt overeenkomstig de vaststelling ervan betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten.