BWBR0011538
Geldig vanaf 2021-04-17
Artikel 35
Staatsexamenbesluit VO
1. Het schriftelijke werk van de kandidaten wordt gedurende ten minste zes maanden na afloop van het examen bewaard op een door het College voor toetsen en examens te bepalen wijze. Een kandidaat die voor een vak centraal examen aflegt met geheime opgaven kan omtrent zijn werk gedurende genoemde periode van zes maanden inlichtingen inwinnen bij het College voor toetsen en examens. Elk der overige kandidaten kan gedurende die periode zijn schriftelijk werk inzien.
2. Een door het College voor toetsen en examens ondertekend exemplaar van de lijst, bedoeld in artikel 34, eerste, tweede en derde lid, en de door de kandidaat overgelegde documenten, worden gedurende ten minste zes maanden na de vaststelling van de uitslag in het archief van het College voor toetsen en examens bewaard.
3. Het College voor toetsen en examens draagt er zorg voor dat een volledig stel van de bij de centrale examens gebruikte opgaven gedurende ten minste zes maanden na de vaststelling van de uitslag bewaard blijft in het archief van het College voor toetsen en examens.
2. Een door het College voor toetsen en examens ondertekend exemplaar van de lijst, bedoeld in artikel 34, eerste, tweede en derde lid, en de door de kandidaat overgelegde documenten, worden gedurende ten minste zes maanden na de vaststelling van de uitslag in het archief van het College voor toetsen en examens bewaard.
3. Het College voor toetsen en examens draagt er zorg voor dat een volledig stel van de bij de centrale examens gebruikte opgaven gedurende ten minste zes maanden na de vaststelling van de uitslag bewaard blijft in het archief van het College voor toetsen en examens.