BWBR0011101
Geldig vanaf 2000-01-21
Artikel 15
Regeling varkensleveringen
1. In afwijking van artikel 7is het de exploitant toegestaan een of meer vrouwelijke varkens die worden gehouden voor het bedrijfsmatig produceren van biggen van zijn varkenshouderijbedrijf te vervoeren, doen vervoeren, af te voeren of te doen afvoeren, indien:
a. de exploitant van het varkenshouderijbedrijf zijn bedrijf beëindigt;
b. de vrouwelijke varkens worden afgevoerd naar ten hoogste twee A-bedrijven, B-bedrijven of D-bedrijven;
c. zes weken voorafgaand aan het afvoeren geen varkens op het varkenshouderijbedrijf zijn aangevoerd, en
d. uiterlijk twee weken vóór de datum waarop de varkens worden afgevoerd uit een door een dierenarts uitgevoerd serologisch onderzoek op ten minste twaalf op het varkenshouderijbedrijf aanwezige vrouwelijke varkens blijkt dat de aanwezige varkens niet zijn besmet met klassieke varkenspest.
2. Bij toepassing van het eerste lid is het in afwijking van artikel 7, de exploitanten van de A-bedrijven, B-bedrijven of D-bedrijven, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, toegestaan de vrouwelijke varkens te ontvangen en aan te voeren.
a. de exploitant van het varkenshouderijbedrijf zijn bedrijf beëindigt;
b. de vrouwelijke varkens worden afgevoerd naar ten hoogste twee A-bedrijven, B-bedrijven of D-bedrijven;
c. zes weken voorafgaand aan het afvoeren geen varkens op het varkenshouderijbedrijf zijn aangevoerd, en
d. uiterlijk twee weken vóór de datum waarop de varkens worden afgevoerd uit een door een dierenarts uitgevoerd serologisch onderzoek op ten minste twaalf op het varkenshouderijbedrijf aanwezige vrouwelijke varkens blijkt dat de aanwezige varkens niet zijn besmet met klassieke varkenspest.
2. Bij toepassing van het eerste lid is het in afwijking van artikel 7, de exploitanten van de A-bedrijven, B-bedrijven of D-bedrijven, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, toegestaan de vrouwelijke varkens te ontvangen en aan te voeren.