BWBR0006472
Geldig vanaf 1994-03-01
Artikel 9
Dagloonregelen
1. Indien de uitkeringsgerechtigde op de dag van ingang van de uitkering de leeftijd nog niet heeft bereikt, waarop hij recht kan doen gelden op het salaris dat behoort bij de leeftijd van 22 jaar, terwijl hij, ware hij niet werkloos, met ingang van een daarna gelegen dag, krachtens de bezoldigingsbesluiten, zoals deze op de dag van ingang van de uitkering luidde, aanspraak zou hebben gehad op een hoger loon op grond van zijn leeftijd, wordt met ingang van laatstbedoelde dag dat hogere loon aan zijn dagloon ten grondslag gelegd.
2. Telkens alvorens het dagloon in verband met de leeftijd ingevolge het bepaalde in het eerste lid te herzien vindt ten aanzien van het dagloon het bepaalde bij of krachtens artikel 28 van het Besluit werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel overeenkomstige toepassing, alsof bedoeld dagloon was vastgesteld op de dag van ingang van de uitkering.
3. Het bepaalde in artikel 8 is van overeenkomstige toepassing.
2. Telkens alvorens het dagloon in verband met de leeftijd ingevolge het bepaalde in het eerste lid te herzien vindt ten aanzien van het dagloon het bepaalde bij of krachtens artikel 28 van het Besluit werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel overeenkomstige toepassing, alsof bedoeld dagloon was vastgesteld op de dag van ingang van de uitkering.
3. Het bepaalde in artikel 8 is van overeenkomstige toepassing.