BWBR0006294
Geldig vanaf 2001-02-07
Artikel 7
Besluit produktie en handel vers vlees
1. Indien de keuringsdierenarts op grond van de bevindingen bij de keuring de aanwezigheid van residuen vermoedt, worden de desbetreffende dieren of het vlees daarvan op residuen onderzocht. Dit onderzoek heeft betrekking op opsporing van residuen van stoffen met farmacologische werking en de omzettingsprodukten daarvan, alsmede van andere stoffen die in het vlees terecht kunnen komen en die een gevaar voor de gezondheid van de mens kunnen opleveren.
2. Indien in het onderzochte vlees sporen van residuen voorkomen in hoeveelheden die de toegestane toleranties overschrijden, wordt dit vlees afgekeurd.
3. De onderzoeken op residuen worden verricht volgens deugdelijk gebleken methoden die wetenschappelijk zijn erkend, in het bijzonder die welke zijn omschreven in de desbetreffende communautaire regelingen of in andere internationale normen.
4. Onze Minister stelt de toleranties vast voor stoffen die in vlees terecht kunnen komen en die schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid van de mens, voor zover die nog niet zijn vastgesteld bij richtlijn nr. 86/363/EEGen bij Verordening (EEG) nr. 2377/90.
2. Indien in het onderzochte vlees sporen van residuen voorkomen in hoeveelheden die de toegestane toleranties overschrijden, wordt dit vlees afgekeurd.
3. De onderzoeken op residuen worden verricht volgens deugdelijk gebleken methoden die wetenschappelijk zijn erkend, in het bijzonder die welke zijn omschreven in de desbetreffende communautaire regelingen of in andere internationale normen.
4. Onze Minister stelt de toleranties vast voor stoffen die in vlees terecht kunnen komen en die schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid van de mens, voor zover die nog niet zijn vastgesteld bij richtlijn nr. 86/363/EEGen bij Verordening (EEG) nr. 2377/90.