BWBR0006023
Geldig vanaf 29-06-2006
Artikel 119
Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
1. De Voorzitter en de eerste en tweede ondervoorzitter kunnen besluiten andere stukken dan een voorstel van wet in handen van een commissie te stellen. Deze andere stukken kunnen afkomstig zijn van het kabinet dan wel van één of meer leden.
2. Voordat de Voorzitter en de eerste en tweede ondervoorzitter besluiten een stuk als bedoeld in het eerste lid in handen van een commissie te stellen, onderzoeken zij of dat stuk wordt voorafgegaan door een aparte paragraaf met duidelijke beslispunten en een paragraaf met de financiële consequenties.
3. De Voorzitter en de eerste en tweede ondervoorzitter kunnen aan de Kamer voorstellen een stuk aan de regering dan wel de leden van wie het stuk afkomstig is terug te zenden om alsnog te worden voorzien van de in het tweede lid bedoelde beslispunten.
4. Een besluit tot inhandenstelling wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk ter kennis van de leden gebracht. Is het besluit niet met eenparigheid van stemmen genomen, dan wordt daaraan geen uitvoering gegeven voordat daarvan mededeling is gedaan in een openbare vergadering van de Kamer. Bij die mededeling kan de Kamer anders besluiten. Een voorstel hiertoe kan door ieder lid worden gedaan.
5. Blijft een besluit van de Voorzitter en de eerste en tweede ondervoorzitter achterwege, dan kan ieder lid in een openbare vergadering de Kamer een voorstel doen het stuk in handen van een commissie te stellen.
2. Voordat de Voorzitter en de eerste en tweede ondervoorzitter besluiten een stuk als bedoeld in het eerste lid in handen van een commissie te stellen, onderzoeken zij of dat stuk wordt voorafgegaan door een aparte paragraaf met duidelijke beslispunten en een paragraaf met de financiële consequenties.
3. De Voorzitter en de eerste en tweede ondervoorzitter kunnen aan de Kamer voorstellen een stuk aan de regering dan wel de leden van wie het stuk afkomstig is terug te zenden om alsnog te worden voorzien van de in het tweede lid bedoelde beslispunten.
4. Een besluit tot inhandenstelling wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk ter kennis van de leden gebracht. Is het besluit niet met eenparigheid van stemmen genomen, dan wordt daaraan geen uitvoering gegeven voordat daarvan mededeling is gedaan in een openbare vergadering van de Kamer. Bij die mededeling kan de Kamer anders besluiten. Een voorstel hiertoe kan door ieder lid worden gedaan.
5. Blijft een besluit van de Voorzitter en de eerste en tweede ondervoorzitter achterwege, dan kan ieder lid in een openbare vergadering de Kamer een voorstel doen het stuk in handen van een commissie te stellen.
- Citeren als
- Art. 119
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0006023
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl