BWBR0006023
Geldig vanaf 18-02-2010
Artikel 121
Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
1. De leden van de Kamer zijn bevoegd binnen een door de commissie te bepalen termijn schriftelijk hun opmerkingen omtrent een in handen van een commissie gesteld stuk aan haar in te zenden. Van de gestelde termijn wordt mededeling gedaan aan de leden van de Kamer.
2. De commissie stelt de in het eerste lid bedoelde termijn vast binnen veertien dagen nadat het stuk in haar handen is gesteld.
3. De commissie kan besluiten dat de opmerkingen van de leden van de Kamer, behalve langs de in het eerste lid voorziene schriftelijke weg, zullen worden ingebracht in een voor alle leden van de Kamer toegankelijke vergadering. In een in de eerste volzin bedoelde vergadering is elk lid van de Kamer bevoegd aan de beraadslaging deel te nemen.
2. De commissie stelt de in het eerste lid bedoelde termijn vast binnen veertien dagen nadat het stuk in haar handen is gesteld.
3. De commissie kan besluiten dat de opmerkingen van de leden van de Kamer, behalve langs de in het eerste lid voorziene schriftelijke weg, zullen worden ingebracht in een voor alle leden van de Kamer toegankelijke vergadering. In een in de eerste volzin bedoelde vergadering is elk lid van de Kamer bevoegd aan de beraadslaging deel te nemen.
- Citeren als
- Art. 121
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0006023
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl