BWBR0006023
Geldig vanaf 17-05-1994
Artikel 100
Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
1. De Voorzitter deelt tijdens de beraadslaging over een voorstel van wet mee dat een amendement is overgenomen indien:
a. de minister te kennen geeft zich met de inhoud van een ingediend amendement te kunnen verenigen; en
b. de Voorzitter zich ervan heeft overtuigd dat geen van de in de vergaderzaal aanwezige leden zich tegen het overnemen van het amendement verzet.
2. Een overgenomen amendement is vanaf het tijdstip van de in het eerste lid bedoelde mededeling onderdeel van het voorstel van wet; het maakt geen afzonderlijk onderwerp van de beraadslaging meer uit.
3. Tijdens een wetgevingsoverleg kan een amendement niet worden overgenomen.
a. de minister te kennen geeft zich met de inhoud van een ingediend amendement te kunnen verenigen; en
b. de Voorzitter zich ervan heeft overtuigd dat geen van de in de vergaderzaal aanwezige leden zich tegen het overnemen van het amendement verzet.
2. Een overgenomen amendement is vanaf het tijdstip van de in het eerste lid bedoelde mededeling onderdeel van het voorstel van wet; het maakt geen afzonderlijk onderwerp van de beraadslaging meer uit.
3. Tijdens een wetgevingsoverleg kan een amendement niet worden overgenomen.
- Citeren als
- Art. 100
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0006023
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl